21 november 2019

Drewes: ‘Lichte roeien kan zo beter opgedoekt worden’

Drewes: ‘Lichte roeien kan zo beter opgedoekt worden’
Paul Drewes op slag in de lichte tweezonder met Wolter Blankert bij de WK van 2005 in Gifu, Japan.

Paul Drewes ging als lichtgewicht naar de Olympische Spelen. Tegenwoordig volgt de hij het lichte toproeien van de zijlijn en verbaast zich erover dat steeds weer dezelfde fouten worden gemaakt. Hij pleit voor het aanstellen van adviseurs.

De oud-roeier van Gyas, die bij de Olympische Spelen van 2008 in de lichte vier als zesde eindigde, ziet een trend. “Andere Nederlandse secties zijn geregeld succesvol, maar het lukt de lichte roeiers steeds niet. Daar moet een reden voor zijn”, stelt hij.

B-vier
Voor zijn analyse put hij ook uit zijn eigen ervaringen. Drewes roeide in een tweede vier bij de wereldbeker in 2007 op de Bosbaan onverwacht naar een bronzen medaille in een fabelachtige 5:49,63. “We zaten net bij elkaar en versloegen de A-boot. Maar ik was de enige van de B-ploeg die de spelen haalde. Daar klopt iets niet.”

Sufracen
Volgens Drewes gingen er in het olympische jaar onder zijn bondscoach Susannah Chayes meer dingen mis. “Iedereen vond het vreemd dat we 80 keer per week moesten seat-racen, maar niemand zei iets. Terwijl er binnen het coachteam met René Mijnders en Mark Emke toch voldoende ervaring aanwezig was.”

Londen
Richting Londen 2012 ging het volgens hem niet veel beter. “De roeiers bepaalden onder bondscoach John Faulkner zelf met wie ze roeiden, terwijl de twee met Arnoud Greidanus en Joris Pijs op een haar na goud pakte bij de WK. Daar had op zijn minst iets mee gedaan moeten worden.”

Verliezers
“Na Londen ging het al mis toen de Muda’s zelf hun plan mochten maken. Daarna werd nooit adequaat ingegrepen. En op het moment dat ze nodig waren, waren ze al gepasseerd. De lichte vier kijkt nu terug op een mislukt toernooi en de Muda’s zijn gefrustreerd gestopt. Een situatie met alleen maar verliezers.”

Talenten
Drewes wijst ook naar een groep talenten dat medailles won bij de WK onder 23 jaar. “Van hen hoor je steevast dat ze niet serieus zijn genomen. Dat is zonde. Met al deze roeiers waren twee finaleplekken in Rio mogelijk.”

Hoogtetent
De oud-roeier ziet steeds weer ad hoc-beleid terugkomen. “Wij moesten in het olympisch jaar bijvoorbeeld ineens in een hoogtetent. Afgelopen jaar werd het trainingsprogramma van de lichte vier gelijk getrokken met dat van de zware mannen. Een jaar voor de Spelen moet je niet ineens dit soort essentiële zaken wijzigen.”

Coachteam
Zijn grootste bezwaar is echter dat van al deze fouten niet wordt geleerd. “Ik denk dat we op zijn minst kunnen stellen dat bondscoaches het zelf niet voor elkaar krijgen, ook niet met een overkoepelende hoofdcoach. Waarom heeft Mark Emke afgelopen jaar niet ingegrepen?”

Adviseurs
Drewes pleit ervoor met adviseurs te gaan werken. “Er is enorm veel kennis uit verschillende generaties atleten. Hen zou je kunnen inzetten als sparringpartners waarbij regulier een project review wordt gehouden. Een coach kan dan uitleggen waarom bepaalde dingen worden gedaan en de adviseurs kunnen dan kritische en opbouwende opmerkingen maken. Gijs Vermeulen fietste met de zware mannen mee in aanloop naar Rio. Zoiets is een aardig begin.”

Opdoeken
Drewes is teleurgesteld dat er geen volwaardig trainingsprogramma meer is. “Het is naïef om te denken dat als iets mét geld niet lukt, het zonder ineens wél gaat gebeuren. Volgens mij kan je dan net zo goed het hele Nederlandse olympische lichte roeien opdoeken. Het maken van een dubbeltwee is een fulltime business, zeker nu de lichte vier vermoedelijk verdwijnt.”

Vermogen
Ook met de achterliggende gedachte is hij het niet eens. “Men stelt dat het aan vermogen ontbreekt, maar waarom passeer je dan de Muda’s, die wél 6.10 op de ergometer trappen? Het klopt dat het basisvermogen in Nederland niet hoog genoeg is, maar dat is het nooit geweest. Ook niet toen het lichte roeien wél succesvol was.”

Vrijblijvend
Het recent opgezette scullproject is volgens hem dan ook veel te vrijblijvend. “Je stopt de roeiers bij een coach die ook nog tien anderen moet begeleiden. Dan kun je nog beter iemand met kennis op je vereniging zoeken die er vol voor gaat of nog beter: gewoon kiezen voor een maatschappelijke carrière.”

Aanbod
Bovenstaande zaken waren voor Drewes reden contact te zoeken met de bond. “Ik heb dit een aantal maanden terug telefonisch met het bestuur en technisch directeur Hessel Everste besproken. Er zou een afspraak worden gemaakt, maar daar heb ik nooit meer wat van gehoord. Het bewijst wat mij betreft dat het afgelopen is met lichtemannenroeien in Nederland.”

Hessel Evertse laat desgevraagd weten dat er inderdaad contact is geweest met Drewes en dat hij vanwege drukke werkzaamheden er nog niet aan toe is gekomen iets van hem te laten horen. Hij benadrukt dat hij nog steeds graag het gesprek aan gaat en de krachten wil bundelen.

©NLroei, 13-12-2016

1 comment

Comments are closed.