17 juli 2019

Column Helma Neppérus: Zijn we een grootmacht?

Column Helma Neppérus: Zijn we een grootmacht?
De roeibaan van Plovdiv Foto: Ellen de Monchy

Helma Neppérus is per heden – de startdag van de WK – onafhankelijk columnist van NLroei. Zij doorliep de school voor journalistiek (en studeerde later rechten) en legde daarmee de basis voor een prachtige maatschappelijke carrière: van belastinginspecteur tot en met directeur van de luchtvaartinspectie. Ze was later lid van de Tweede Kamer voor de VVD. In al die jaren heeft zij zich ook ingezet voor het roeien. Eerst als WK-ganger, later als penningmeester en topsportcommissaris van de bond, en tussendoor als kamprechter. nationaal en internationaal. Helma is erelid van de KNRB en Njord.

Bondscoach Mark Emke zei laatst over het Nederlandse roeien dat we een grootmacht zijn geworden. Mooi gezegd, maar hoe moet ik dat nou lezen? We staan pal voor het begin van de wereldkampioenschappen in Plovdiv en we hopen natuurlijk op veel medailles en rekenen er eigenlijk ook wel op. Als we die medailles winnen kunnen we ons als grootmacht beschouwen.

Kijkend naar de omvang van de equipe, dan mag die er ook wezen. We doen anders dan vroeger bijna in alle nummers mee en gelukkig ook in de grote boten, zowel bij de vrouwen als bij de mannen. Wat dan betreft zijn we te vergelijken met erkende grote roeilanden als Duitsland en Engeland en zijn we dus een grootmacht geworden.

Maar, we kunnen ook kijken naar het aantal leden van de Roeibond. Het aantal leden van de KNRB steeg jarenlang maar langzaam, maar opeens ging het aantal fors omhoog en vorig jaar waren er 35.000 leden. Als jong penningmeester destijds durfde ik daar zelfs niet van te dromen. Bij de studentenverenigingen loopt het storm en ook nu is weer geloot tussen de aankomende studenten in veel plaatsen. Wel is van belang om de nieuwe leden echt tot roeien te krijgen, zodat het niet enkel om de gezelligheid gaat. Ik hoor ook van andere verenigingen, vaak aangeduid als burgerverenigingen, van wachtlijsten. Bonden als de KNVB zijn natuurlijk een stuk groter, maar we zijn een van de weinige bonden die groeit en kunnen ons nu toch als stevige middenmoter beschouwen en wie weet op weg naar de grootmacht.

De term grootmacht is dus op verschillende manieren uit te leggen. Voor een die om toproeien geeft, staan natuurlijk de verrichtingen op de komende wereldkampioenschappen centraal. Ik hoop natuurlijk op medailles, hopelijk ook goud en ook stilletjes op medailles met een lichtblauw tintje. Laten we hopen dat het gaat lukken. De groei van het roeien heeft zeker bijgedragen aan de successen en de ene grootmacht kan dus niet zonder de ander.

Helma Neppérus