De eerste olympische start van beach sprint roeien in Los Angeles komt dichterbij, maar het Nederlandse team heeft nog een flinke weg te gaan. De WK in Qingdao laat zien dat de aansluiting met de wereldtop mogelijk is. Tegelijkertijd legt het de zwakke plekken bloot: een smalle basis, te weinig wedstrijdervaring en een roeisport die haar nieuwe olympische discipline nog niet serieus genoeg lijkt te omarmen.
In 2028 moet beach sprint roeien in Los Angeles niet alleen een olympisch debuut worden, maar Nederland wil ook een kans op eremetaal. Het wereldkampioenschap heeft duidelijk gemaakt dat die ambitie niet uit de lucht is gegrepen. Isabel van Opzeeland en Michiel Mantel drongen in de mixeddubbel door tot de beste acht. Maar wie verder kijkt dan de uitslagen, ziet vooral hoeveel er nog moet gebeuren. Nederland heeft talenten, maar met talent alleen wint geen olympische medailles.
Kwetsbaar
De uitschakeling van Van Opzeeland in de skiff en het niet bereiken van de knock-outfase door Amos Keijser laten zich deels verklaren door de grilligheid van de omstandigheden. Dat is de charme én de kwetsbaarheid van beach sprint waar de omstandigheden niet altijd gelijkwaardig zijn. Toch mag het weer geen gemakkelijke verklaring worden voor tegenvallende resultaten. Ook bij andere landen bepalen golven de wedstrijd. De sterkste ploegen blijken doorgaans beter met de verschillende elementen om te gaan.
Bovendien is de Nederlandse achterstand niet uitsluitend een kwestie van pech of ervaring. Bondscoach Björn van den Ende wijst zelf op de beperkte breedte van de sport in Nederland. Er zijn te weinig beoefenaars, te weinig onderlinge concurrentie en nog onvoldoende mogelijkheden om jonge roeiers vroeg met beach sprint in aanraking te brengen. Dat is geen detail, maar een structureel probleem. Wie in 2028 wil meedoen om de medailles, kan niet blijven bouwen op een handvol talentvolle sporters en hopen dat zij zich in de resterende tijd vanzelf tot wereldtop ontwikkelen.
Keuzes
Van den Ende erkent dat er binnen TeamNLroeien momenteel nauwelijks integraal wordt gekeken welke sporter in welke discipline de beste kansen heeft. Dat is begrijpelijk want het vlakwaterroeien levert Nederland al jaren successen op en biedt sporters een bewezen route naar olympische medailles. Maar juist daardoor dreigt een nieuwe olympische discipline op achterstand te blijven. Als Nederland bij beach sprint werkelijk medaillekansen wil, verdient het een volwaardige plaats in de talentontwikkeling en de strategische keuzes van de roeibond.
Opvallend is de opkomst van China als roeinatie in deze discipline. In eigen land won het gastland goud en zilver in respectievelijk de mannenskiff als vrouweskiff. Dit is geen toeval. China heeft systematisch geïnvesteerd in de ontwikkeling van beach sprint . Bij de junioren behaalde de Chinese goud en bij de mannen junioren was het brons voor China. Volgend jaar organiseert het land opnieuw een World Series in Shanghai.
Als relatieve nieuwkomer is China op basis van de resultaten van de olympische nummers bovenaan in de ranglijst geëindigd bij dit WK. Gevolgd door Australië dat ook volop inzet op de beach sprint.
De top-7 landen die zich hebben geplaatst voor world series-teams in 2027, zijn:
China, Australie, Duitsland, Litouwen, Portugal, Spanje, Verenigde Staten
De medaille winnaars van de WK in de olympische nummers:
CW1x:
- Isabella Scammell – Australië
- Wenjie Zhu – China
- Magdalena Lobnig – Oostenrijk
CM1x:
- Jiayu Liu – China
- Samuel Forbes – Australie
- Moritz Wolff – Duitsland
CMix2x:
- Franz Werner, Sophie Leupold – Duitsland
- Dominykas Jancionis, Martyna Kazlauskaite – Litouwen
- Adam Bujnowski, Dominika Baranowska – Polen


