23 juni 2021

Dieuwke Fetter over de Chinezen: “Holy kanonnen, wat gaan ze hard”

Dieuwke Fetter over de Chinezen: “Holy kanonnen, wat gaan ze hard”
De vrouwenacht pakte bij afgelopen EK nog het zilver. Foto: Kirsten Wielaard

In het kwalificatiecasino van Luzern gokte de vrouwen-acht op aanvallen. Het was de goede keuze. Maar het resultaat niet het gewenste. Een eerste of een tweede plaats zat er bij het OKT voor de vrouwen niet in. Dus einde oefening. Geen Japan. Geen Tokyo. Dit jaar geen Olympische Spelen. Opmerkelijk snel blikt stuurvrouw Dieuwke Fetter vooruit naar de aanstaande olympiade die in Parijs zou moeten eindigen. Eén voordeel: dat olympische toernooi wordt al over drie jaar gehouden.

Ja, ze baalt. En ja, ze was er ook verdrietig van. “Ik had het er moeilijk mee. Dat zal binnen de hele ploeg zo zijn geweest, bij elk van ons op haar eigen manier. Voor ons gevoel hadden we stappen gezet in de aanloop naar het OKT, we hebben goede races gevaren. Maar het bleek niet voldoende”, constateert Fetter toch ook nuchter.

Volgens de stuurvrouw was haar ploeg op een goede dag gewaagd aan de Roemenen. “Daarvan ben ik overtuigd. De Chinese acht hadden we jaren niet gezien. We wisten niet goed wat we moesten verwachten. Uiteraard gingen we er vanuit dat ze goed zouden zijn. Maar soms komt er een wat mindere ploeg.”

Op het water kreeg de roerganger als snel in de gaten dat er geen C-team uit China was overgevlogen. “Dan kun je horen aan hoe ze roeien. Het klonk heel massief”. Bij de oefenrace met als inzet de baanindeling werden de Hollandse vrouwen hard geconfronteerd met de Chinese suprematie. “Ze waren hard vertrokken, maar trokken ook heel hard door. Ik weet nog dat ik halverwege dacht: holy, kanonnen.” Ook de Roemeense acht bleek veel sneller.

Een dag later, toen de (vervroegde) fatale finale moest worden geroeid, had de acht een aangepast strijdplan. “Op zaterdag waren we iets te afwachtend. Zondag wilde we aanvallen. En dat hebben we gedaan.” Maar het bleek vergeefs. De Chinezen en Roemenen gingen er vandoor.

Ook de Duitsers kwamen er in het achterhoedegevecht nog langs. Dat maakte eigenlijk al niet meer uit, want de tickets voor Tokyo waren al vergeven. “Dat was jammer, maar de teleurstelling was er niet groter door. Ook niet kleiner. We hebben enorm toegeleefd naar dit toernooi. Het beste gegeven. Maar het was niet goed genoeg.”

Met opgeheven hoofd verliet ze het Zwitserse strijdtoneel. “Ik ben trots op onze ploeg. We hebben in de afgelopen jaren flinke progressie geboekt en we zijn uitgegroeid tot een volwassen team. We nemen zelf het heft in handen. Daarin zijn we gegroeid. Het gaat heel hard in het achtenveld, de ploegen zitten dichter op elkaar. Maar in Parijs zijn wij er wel bij, daarvan ben ik overtuigd”,  aldus Fetter.