12 november 2019

Zij gaan 5000 kilometer over de oceaan roeien

Zij gaan 5000 kilometer over de oceaan roeien
V.l.n.r.: Remke van Kleij, Désirée Kranenburg, Bela Kapoor, Astrid Janse.

Deze vier vrouwen gaan een flinke uitdaging aan: de Atlantische Oceaan oversteken in een roeiboot. De Dutchess of the Sea (DOTS) is de eerste Nederlandse vrouwenploeg die deelneemt aan de Talisker Whisky Atlantic Challenge, in 2020. Deze wedstrijd staat bekend als de zwaarste roeirace ter wereld. Op deze manier willen ze geld inzamelen voor Stichting ALS Nederland en Plastic Soup Foundation.

Maak kans op het boek ‘Fluisterend Goud’, doe nog vandaag mee aan de crowdfunding van NLroei, dat kan hier. Alvast bedankt!

Het idee ontstond ongeveer een jaar geleden toen sloeproeister Astrid Janse een Nederlands mannenteam die aan de oceaanwedstrijd deelnam op de (figuurlijke) voet volgde. Dat wil ik ook, dacht ze. Via sloeproeivereniging Daventre Portu in Deventer kwam ze bij Remke van Kleij terecht. Samen benaderden zij Bela Kapoor, die bij Isala in Zuthpen roeit. Désirée Kranenburg maakte vervolgens de ploeg compleet.

Twee uur op, twee uur af
Ongeveer acht weken lang zullen ze doorbrengen op een Rannoch 45, dat is een speciale oceaanroeiboot. Om de beurt zullen ze twee uur roeien en twee uur rusten. ‘‘Buiten aan boord is een derde roeibankje waar we dan kunnen zitten. Het middelgedeelte is open, dus daar slaan de golven overheen. Aan beide zijden is een kleine kajuit waarin we ons kunnen terugtrekken of slapen,’’ vertelt Kranenburg.

Eten
De dames moeten voor minimaal 70 dagen eten meenemen aan boord. ‘‘Vier maaltijden per dag. We moeten elke dag minimaal 5000 kilocalorieën binnenkrijgen om geen gewicht te verliezen, dus dat is behoorlijk wat eten. Dat zal grotendeels gevriesdroogd zijn. Voor het drinken nemen we een speciale pomp mee om van zoutwater zoetwater te maken. Plassen en poepen doen we op een emmer, achter het derde bankje. Voor het poepen eerst water erin, dat scheelt schoonmaken.’’

Trainen
Naast hun werk bouwen ze het trainen steeds verder op. ‘‘We roeien veel, en gaan naar de sportschool. Ik heb zelf nu ook een ergometer in de woonkamer staan. Als ik ’s avonds thuiskom ga ik roeiend een serie kijken’’ , zegt Kranenburg.  Verder krijgen ze training van een mental coach. ‘‘Wat we met name leren is hoe we helder naar elkaar toe communiceren en het beste kunnen omgaan met elkaar.’’

Rampscenario’s
Een ander onderdeel van de mentale training is het aangaan van hun grote angsten. ‘‘We nemen zo veel mogelijk rampscenario’s met elkaar door. Voor als het dan gebeurt, dat we niet op tilt gaan. Je angsten zijn je monsters.’’ Kranenburg’s grootste angst is om te verdrinken. ‘‘Als je op een woeste zee zit is dat niet heel ondenkbaar. Dat vind ik heel spannend. We zullen ook af en toe overboord moeten om de boot schoon te maken, want zeepokken belemmeren de roeisnelheid. Dan zijn we aangelijnd, maar moeten we toch dat grote blauwe water inspringen. Dan moet ik toch wel aan die films denken waarin dat niet goed afliep.’’

Eten, slapen, roeien
‘‘Waar ik me het meest op verheug is een paar dagen voor de start,’’ zegt Kranenburg. ‘‘Dat alles eenmaal geregeld is. Weggaan uit de haven lijkt me machtig mooi. Eenmaal roeiend is het eigenlijk heel saai. Eten, slapen, roeien. Dat heb je dan ook wel weer gezien. Ik hoop dat ik in mezelf een bepaald punt van rust kan bereiken. Maar het gaat ook lastig worden. Je lijf gaat stuk. Je handen, rug, benen, alles doet zeer. Toch ga je door.

Avontuur
‘‘Wat dat precies met iemand doet, weet ik niet. Daar ben ik wel nieuwsgierig naar. Dat kan heel mooi zijn, of juist niet. Het lijkt me geweldig om mee te maken. Alles is onbekend, dat maakt het zo’n mooi avontuur. Continu in het onbekende stappen. Totaal geen idee hebben wat je kunt verwachten. Het is heel bijzonder.’’

Meer informatie over de DOTS staat op hun website. Ook zijn ze nog hard op zoek naar donateurs.