Weinig toppers bij Novembervieren

Archief

Of het nou toeval was of kwam door een verminderde motivatie na de slecht gelopen WK en de nog steeds niet helemaal duidelijke plannen van de roeibond, feit was dat er maar weinig nationale toproeiers afkwamen op de 45e editie van de Novembervieren in Amsterdam. Wat er viel er dan wel op tijdens deze race over vier kilometer? Een indrukwekkende vrouwen dubbelvier van Orca, een interessant lichte vier-met waarbij de Muda’s combineerden met Tim Weerkamp en Ivo de Graaf en een totale dominantie van Nereus bij de mannen in de lagere velden.

Het was teleurstellend te zien hoe weinig vrouwen uit de nationale top zich hadden inschreven voor de najaarsklassieker. Het blijft altijd zeer nuttig maar ook leuk om als topper getalenteerde verenigingsgenoten op sleeptouw te nemen. Dit jaar was er zelfs geen SA-veld voor gestuurde boordvieren. Bij het scullen deden enkel Proteus, Orca en Laga mee. Vooral de afwezigheid van het thuis roeiende Nereus en Skøll was opvallend. Verenigingen die eigenlijk altijd wel een goeie vier op het water (kunnen) leggen. Orca won het verwachte onderonsje met Proteus vrij gemakkelijk met 16 seconden voorsprong. Voorgeslagen door Inge Janssen roeiden Annemarie Bernard, Rosa Bas, Margriet Lantink en stuurvrouw Nina Wingens met indrukwekkende zware-mannen-halen naar de zege. “Het voelde inderdaad zeer krachtig, maar ook wel een tikkeltje lomp. Een beetje de klassieke Orca-stijl dus” aldus Janssen, die ook aangaf teleurgesteld te zijn over de beperkte deelname van andere verenigingen. “We wilden dit jaar namelijk echt graag winnen en dan is het leuker om meer boten te hebben.” Proteus mistte duidelijk de kracht van Chantal Achterberg om hier een antwoord op te hebben. Maar met Roos de Jong, Marlies van der Lugt, Leonoor Portengen, Ellen Hogerwerf en stuurman Peter Wiersum lukte het nog aardig om in het spoor van de Utrechtenaren te blijven.

De strijd bij de mannen lag meer open. Zowel Nereus, Laga als Skadi had een sterke vier op het water gelegd, maar de meeste interesse ging uit naar de lichte vier van de Muda’s met Tim Weerkamp en Ivo de Graaf, de lichte twee-zonder van afgelopen jaar. Hoewel de tweeling zich voor komend jaar blijft richten op de dubbeltwee was het aardig om te zien hoe een instapproject van deze roeiers van de grond zou komen. Geholpen door een flink windje mee liep de boot bijzonder aardig en bleek het na de finish de overwinning met zeven seconden voorsprong te hebben binnen gehaald. Verrassend genoeg was Skadi daar achter de snelste verenigingsploeg. De Rotterdamse vereniging plukt de vruchten van een sterke middengroep-vier van vorig jaar en met de nog relatief onervaren David Fox en Falko Michielse, lag er samen met Jasper Tissen en Reinier Spillenaar Bilgen een zeer aardige vier op het water. Dat ze het Nereus-kwartet met Daniël Nip, Jaap Scholten, Freek Robbers en de van Aegir overgekomen Sijmen van Groningen versloegen was opvallend, daar driekwart van deze ploeg vorig jaar als vier-zonder tijdens de Holland Beker 5.50 op de klokken zette. Ook opmerkelijk was dat de Oude Vier van Laga in geen velden of wegen te vinden was en op maar liefst 26 seconden achterstand van de winnaar binnenkwam. De Delftenaren moesten zelfs de junioren van Willem III voor zich dulden, die zeer keurig op een vierde plaats eindigden.

In de lagere divisies was de overmacht van Nereus indrukwekkend. Zowel in het Overgangsveld als in de Nieuwelingen-categorie was het verschil met de rest aanzienlijk. In het laatst genoemde veld eindigden de bordeauxrode Amsterdammers zelfs als eerste en tweede. Diederik Simon, die inmiddels weg is bij de roeibond, zwaait daar nu de scepter over alle zware mannen en de resultaten zijn al duidelijk zichtbaar. Al moet wel worden opgemerkt dat met het extreem hoge aantal jeugdroeiers dat de laatste jaren naar Nereus trekt, de strijd met andere verenigingen steeds minder interessant wordt. Al deze drie deze boten waren minstens voor de helft gevuld met voormalig getalenteerde junioren. Niet dat Nereus hier iets aan kan of moet doen, maar het is wellicht wel een signaal voor de andere verenigingen dat er meer aan scouting gedaan moet worden. Het was overigens een schril contrast met de vrouwen van de Amsteldijk, die allemaal ver onderaan terug te vinden waren. Skøll, Njord, Orca en Skadi lijken komend jaar over de beste middengroepen bij de vrouwen te beschikken. In het lichte veld was Thêta opvallend oppermachtig.