Co Rentmeester, in 1960 winnaar van de Koninklijke Holland Beker, was zwaar geïmponeerd. Niet alleen door de prachtvrouwen die de laureaten innig kusten, vooral door krachtpatser Roel Braas die tegen alle voorspellingen in als tweede eindigde in de 123-jarige klassieker voor skiffeurs na drievoudige wereldkampioen Mahe Drysdale. ,,Een Hercules die Roel Braas, juichte de man die wereldberoemd werd als fotograaf en cineast (De Perfecte Haal) over de hovenier uit De Rijp die aan hardroeien doet tussen zijn noeste arbeid in de natuur door. ,,En wat kan die kerel nog verbeteren!, declameerde Rentmeester met de fotografische ogen. ,,Hij zit niet goed in de boot, want hij dompt de boeg dieper in het water terwijl de boeg juist een beetje omhoog moet komen. Wat hij nu doet, remt de snelheid.
Co Rentmeester gaf maar aan dat aan de ruwe diamant Roel Braas nog veel te slijpen en polijsten valt. Volgende doel voor hem is het WK -23 eind juli in Racice. Luzern en/of de WK in Poznan doet hij niet, hoewel hij in zijn hart graag zou willen. ,,Ik moet niet te veel doen, anders raak ik uitgebrand, zei hij zelf met in herinnering het vorige seizoen toen hij door zijn ongebreidelde ambities vroegtijdig uitgeblust raakte. ,,Misschien dat ik later in het seizoen het EK nog meepak.
Vooraf durfde niemand Roel Braas een tweede plaats toe te dichten. Hooguit derde, dacht zelfs een van de bondscoaches. De skiffeur die zich spiegelt aan olympisch kampioen, kende een gebrekkige voorbereiding. Hij had nieuwe schuimrubberen handvatten aangebracht op zijn riemen. Een van de dingen liet los toen hij oproeide. Een stuk tape bracht uitkomst. ,,Het ging wel ten koste van de concentratie, zei Braas, ,,ik heb de race daarna wel goed opgepakt, al moest ik de haal een beetje aanpassen. Ik ben net zo lang doorgegaan tot ik die Amerikaan voorbij was.
Die Amerikaan was Warren Anderson die sterker werd geacht dan ‘onze’ Roel Braas. Die wetenschap was wellicht ingegeven door de uitslag van de voorwedstrijd: 1. Anderson, 2. Braas op meer dan acht seconden. Braas leek in de finale zelfs Drysdale te kunnen aanpakken. Op de kilometer plaatste Drysdale echter een harde demarrage voor de winst en de 3000 premie. Braas stelde wel de 1500 voor de tweede plaats zeker. ,,Kan ik weer een paar keer tanken of uit eten gaan. Tweede worden voelt wel zo dat ik moet doortrainen. Je wilt altijd eerste worden, maar hier ben ik nu wel tevreden mee.
,,Morgen moet er weer gewoon gewerkt worden, aldus de natuurbewerker die in de voorbereiding lichter werk, zoals snoeien, deed in plaats van zware bestratingen. Vooralsnog blijft Roel Braas aan het werk als hovenier. Hij staat vroeg op, werkt vanaf 6 uur en rijdt op en neer naar de Bosbaan om te trainen bij Okeanos. Mahe Drysdale ging op zijn en Warren Andersons schouders met de Holland Beker (uit 1886). De Kiwi maakte zijn startgeld meer dan waar. Hij was content over zijn opening, zijn zwakke punt, en hield controle over het veld. ,,Een goede race.
Totaal anders was dat bij de Ladies Trophy. Na negen zeges op de Bosbaan kreeg Ekaterina Karsten klop van de Tsjechische Mirka Knapkova. En niet zo zuinig ook. Wat meewoog was de valpartij enkele weken geleden die de ribben van de 37-jarige Wit-Russische zwaar kwetste. Knapkova, vorige week al winnares bij World Cup II, was dolgelukkig. ,,Ik ben zo happy, aldus de Tsjechische, ,,dit is de eerste keer dat ik win van Ekaterina en ik dank de organisatie voor de uitnodiging. Voor Karsten, vijf keer wereldkampioen en eigenaresse van vijf olympische medailles van vijf Olympische Spelen, was de Ladies Trophy een eerste testcase na het fietsongelukje. ,,Ik kan niet zeggen dat ik ontevreden ben.
In het omlijstende programma was de overwinning van de lichte 4- met Tim Heijbrock, Roeland Lievens, Vincent Muda en Tycho Muda het hoogtepunt. Zaterdag kreeg deze formatie in het veld der lichtgewichten klop van Japan. Vooraf was door coach John Faulkner besloten om in het Holland Beker weekend in elk geval sterke tegenstand op te zoeken. Dus voor de zekerheid een inschrijving in het zware veld. Het viertal ontmoette de nationale zware 4- met Nanne Sluis, Harmen Eefting, Vincent van der Want en Thijs Bosgoed en een sterke 4- van Skøll: Rens de Boer, Coen Kleipool, Tim Bronkhorst en Björn van den Ende. Het Faulkner Quartet zegevierde met zo’n ruime marge dat Tim Heijbrock op het erevlot uitriep: ,,Dit is de lichte vier voor het WK! De Muda’s, van wie Vincent in een bevallig rokje langs de Bosbaan had gelopen, zeiden: ,,Zaterdag kwamen tijdens de laatste 500 meter de Japanners over ons heen. Dit keer hadden we een ander raceplan en daar hebben wel ons goed aan gehouden. Wij maakten nu tijdens de tweede kilometer het verschil. Wij wilden graag van de zware vier-zonder winnen. Maar het bleek dat die ploeg niet onze tegenstanders waren, wel de mannen van Skøll.
De nationale achten wonnen, net als op de eerste dag, hun wedstrijd. Slag Femke Dekker haalde weer blikken op voor haar rijkelijk gevulde prijzenkast. De Holland Acht roeide in het finale-evenement slechts één kilometer hard plus het eindsprintje, voor het publiek. Er was namelijk geen tegenstand van enig formaat. Gehuldigd werden ze evengoed, al bleef Diederik Simon voor de microfoon van interviewster Kirsten van der Kolk sprakeloos.




