Voor één middag was een Amsterdamse gracht eens niet het toneel van rondvaartboten en fotograferende toeristen. Opeens lagen er roeiers op het water te dobberen, en dat trok redelijk wat bekijks van toevallige passanten. Want wat moest dat hier met die “kano’s” en die “peddels”? En waarom zaten Ajax-trainer Frank de Boer en recordinternational Edwin van der Sar opeens in bootjes? Hoewel het niet zwart stond van de msnen langs de Keizersgracht bleven er toch genoeg geïnteresseerden staan kijken, benieuwd als ze waren naar die opvallende vertoning.
Wat dat betreft was het evenement meer dan geslaagd. Een prima staaltje guerilla-marketing van de WK-organisatie van 2014 en hoofdsponsor Aegon, die met het avontuur op de Amsterdamse grachten aandacht aandacht vroegen voor de roeisport in het algemeen en de Holland Beker in het bijzonder. “In the end is het gewoon heel goed verlopen, denk ik”, vertelt Irene Eijs, die zich vanuit het WK 2014 met de organisatie had bemoeid. “Het was nog warmdraaien voor de volgende keer, en we hebben absoluut nog wat leerpunten, maar het was zeker leuk – ook voor niet-roeiers. En dat iemand als Wilfred Karsten, de coach van Ekaterina, met een grote grijns naar die Volansjes aan het kijken was zei voor mij ook genoeg.”
Zoals Eijs zelf ook benadrukt liep alles nog niet helemaal op rolletjes. Dat was ook wat teveel gevraagd met het oog op het ad-hoc karakter van het evenement. Wat oorspronkelijk begon als voorzichtig plan om roeien te promoten werd de afgelopen weken steeds uitgebreider en grootser. Een laagdrempelig sprintje was het vandaag niet te noemen: er was een groot scherm om het roeien op te volgen, talloze camera’s, een DJ, veel banners en vlaggen, promotie-activiteiten en een keur aan topsporters op het water. Als zoiets binnen een paar weken uit de grond wordt gestampt gaat niet alles honderd procent goed, maar een kniesoor die daar op blijft hameren en niet inziet dat het evenement roeien inderdaad dichter bij de ‘gewone man’ brengt en tastbaarder maakt.
Het publiek dat toegestroomd was – in de drie uur dat het evenement duurde zullen er zo’n 1.500 mensen rond hebben gelopen over het terrein – stond in ieder geval overwegend geamuseerd te kijken naar de bootjes op het water. Vooral de C4-tjes met (oud-)topsporters waren een succes. Hilariteit alom bij het zien van de boze blik van judoka Henk Grol toen hij het af moest leggen tegen een bootje met Erben Wennemars erin. En de slapstick-achtige taferelen op het water, met snoeken over en weer en topsporters die van hun bankje afvliegen omdat ze zichzelf en hun enthousiasme nog niet bepaald onder controle hebben.
Voor de roeifanaten waren die fuifploegen wat minder interessant. Zij waren gekomen om toppers op het water te zien in de skiff: Inge Janssen, Mirka Knapkova, Ekaterina Karsten en Julia Bichyk bij de vrouwen, en Roel Braas, Mitchel Steenman, Dirk Uittenbogaard en Harold Langen bij de mannen. En natuurlijk de rowing legends: Ronald Florijn, Nico Rienks, Jan Wienese en Mark Emke die elkaar het vuur aan de schenen trachtten te leggen. Rienks wist dat onderonsje der veteranen te winnen, en Mitchel Steenman bewees de beste sprintgenen te hebben bij de mannen. Dat Inge Janssen zowel Karsten als Knapkova wist te verslaan in de sprint was evenwel een grote verrassing. Een beter scenario had de organisatie niet kunnen bedenken.
Klapper op de vuurpijl was echter de onderlinge strijd tussen Frank de Boer en Edwin van der Sar, de twee oud-voetballers van Ajax. Beide roeiers hadden de afgelopen weken leren roeien in een Volans-skiff, en waren daarbij begeleid door Chantal Achterberg (Van der Sar) en Roel Braas (De Boer). En toegegeven: voor twee pas begonnen roeiers zag het er lang niet onaardig uit, al bleek Frank de Boer de wat behendiger roeier van de twee. “De eerste prijs van het seizoen”, grapte De Boer, die tot ‘Koning van de Keizersgracht’ werd gedoopt, na afloop. De trainer van Ajax sprak vervolgens voor de camera van de NOS zijn bewondering uit voor het roeien. “Het is volgens mij een van de zwaarste sporten in de wereld. Alles gebruik je. Dit is gelukkig maar tweehonderd meter, maar ik heb heel veel respect als je tweeduizend meter in dit tempo moet gaan roeien. Dat is bijna onmenselijk, maar ze doen het toch.”



