Er kan weer worden gedroomd in Eindhoven

Archief

Ruim tien jaar gelden kende de Eindhovense studentenroeivereniging Thêta op sportief gebied een fantastische tijd. De vereniging brengt talloze roeiers naar de Spelen, maakt zelfs kans op de Varsity-winst. Het was de tijd van Joeri de Groot, Karel Dormans, Gerard Egelmeers, Dirk Lippits, Jeroen Spaans, Jaap Haartsen: stuk voor stuk roeiers die voor Thêta uitkwamen en op internationaal gebied redelijk wat potten braken. Maar na de Spelen van 2004 gleed de vereniging af. Meer dan een developmentploeg die met Brabantse gezelligheid op de Bosbaan meevoer zat er lange tijd niet in. “We waren erg diep weggezakt,” beaamt Rutger Lippits. “Maar met de investering die de Technische Universiteit Eindhoven in ons gaat doen willen we er weer bovenop komen.”

De investering waar Lippits over spreekt is een flinke. Althans: daar lijkt het in ieder geval op. Letterlijke bedragen worden niet genoemd, maar de glimlach op de gezichten van Lippits, zijn mede-RTC-bestuurder Marc Hummelink én Thêta-voorzitter Bregje de Wildt spreekt boekdelen. Om nog maar te zwijgen van de aanwezigheid van een woordvoerder van de universiteit. Het gaat hier niet om Monopoly-geld en chocolademunten: het is serious business. En dat is des te opmerkelijker. Flinke investeringen zijn in deze economisch moeilijke tijden bijzonder te noemen. De laatste paar jaren zitten onderwijsinstituten redelijk verlegen om hun centjes; ettelijke tienduizenden euro’s overmaken naar een groep enthousiaste roeiers staat – anders dan tien jaar geleden – over het algemeen bepaald niet hoog op de prioriteitenlijst.

Maar de TU Eindhoven wil Thêta helpen een droom te verwezenlijken. Terugkomen aan de top, dat is het doel. Roeiers die meedoen aan WK en Olympische Spelen. “We hechten veel waarde aan ambitie”, vertelt Stephan Hoek, woordvoerder van de universiteit. “En natuurlijk, ze krijgen het geld niet zomaar. Er zijn doelen gesteld en over twee jaar kijken we kritisch naar de resultaten die behaald zijn.” Thêta zelf kijkt nadrukkelijk verder dan die twee jaar: het meerjarenplan loopt tot en met 2020. Om de universiteit te overtuigen diende de vereniging een flinke hoeveelheid papierwerk in waarin uitgebreid antwoord werd gegeven op de vragen wat, hoe, wanneer, waar en waarom. Niet alleen op het gebied van topsport, maar ook op het gebied van scouting, promotie, scholenroeien en een samenwerkingsverband met de Fontys Sporthogeschool.

Met die laatste partij is afgesproken dat de eerstejaars studenten een propedeusevak ‘roeien’ gaan volgen. “Zeven weken lang komt dan ongeveer honderd man hier op de vereniging”, vertelt Bregje de Wildt, voorzitter van Thêta. “Daar willen we natuurlijk ook wat roeiers aan overhouden. Verder gaan we ook actief met de universiteit het roeien promoten op beurzen en pakken we het scholenroeien beter aan.” En, zo vult Hummelink aan, er is via Cees-Rein van den Hoogenband, voorzitter van sportgezondheidscentrum TopSupport en chef arts tijdens de afgelopen Olympische Spelen, goed contact met het CTO – het Centrum voor Topsport en Onderwijs in Eindhoven. Daaruit hoopt Thêta ook wat contacten op te doen. Zwemmers die misschien de overstap naar een andere sport wel zien zitten. Hockeyers die naast balgevoel ook aanleg hebben om twee kilometer hard te varen. Wie weet wat dat voor talenten op kan leveren.

Het klinkt allemaal veelbelovend, wat Thêta van plan is. Men mikt hoog in Eindhoven, iets wat ook blijkt uit de tussentijdse targets die de vereniging aan de universiteit heeft voorgespiegeld. “We willen volgend jaar drie achten op het water leggen waarvan dertig procent onder de noemer ‘talenten’ valt”, vertelt Hummelink. “Dat is een flinke doelstelling, inderdaad. Maar we zijn er van overtuigd dat er in Brabant genoeg sportieve potentie is om te slagen. Bovendien is het niet enkel iets waar wij hier met z’n drieën voor staan. De hele vereniging wil deze kant op en met het stellen van hoge doelen en de actieve betrokkenheid van de universiteit hebben we een flinke stok achter de deur om actie te ondernemen.”

De eerste voorzichtige stappen omhoog zijn inmiddels al gezet. In 2,5 jaar tijd werd er binnen de vereniging orde op zaken gesteld. Skiffeuze Lisa Scheenaard morrelt al nadrukkelijk aan de deur van de KNRB. Er zijn dit jaar voor het eerst sinds tijden weer drie eerstejaars achten op de Eindhovense wateren te bewonderen. De vereniging bloeit weer en dat maakt dat er in zuidoost-Brabant weer een positieve instelling heerst – mede dankzij de investering van de universiteit kan er weer worden gedroomd. En wie weet is het tien jaar na dato dan toch mogelijk om de Varsity te winnen. “Het gaat om het WK in 2014 en de Olympische Spelen; de Varsity is niet een van de prioriteiten”, geeft De Wildt aan. Maar ze kan een voorzichtige glimlach niet onderdrukken. Het zou natuurlijk de kroon op het werk zijn: een samenwerking met de universiteit beklinken met een overwinning op dé universiteitswedstrijd bij uitstek.