22 september 2017

Argo’s lichte vrouwen: ‘winnen trekt talent aan’

Argo’s lichte vrouwen: ‘winnen trekt talent aan’
Arlette de Vegt & Floor Steenvoorden van Argo bij de prijsuitreiking van het developmentklassement. Foto: Ellen de Monchy.

De lichte vrouwenploegen van Argo gooiden afgelopen seizoen voor het derde jaar op rij hoge ogen bij de eerstejaars- en de developmentvelden. Argoroeister Arlette de Vegt verklapt de succesformule: “Het opvallende aan eerstejaars lichte vrouwenploegen is dat er eigenlijk nooit een eerstejaars student in zit.”

De Vegt roeide aanvankelijk competitie, stuurde vervolgens de vrouwenacht en ging pas daarna zelf wedstrijdroeien. Haar club is succesvol in haar discipline en daar draagt ze zelf aan bij. Dit jaar werd het eerstejaarsklassement door Argo gewonnen in de dubbelvier met stuurvrouw. In het developmentklassement kwam de ploeg van De Vegt net te kort voor de winst.

Doelen
Dat ze goed zouden meedoen aan de top wist De Vegt en haar ploeggenoot wel. “We hadden hoge doelen gesteld. We wilden het klassement winnen en naar de European University Championships afreizen met onze dubbeltwee.” Dat laatste is gelukt, voor de klassementswinst kwamen de vrouwen vier punten tekort. De Vegt: “Ook het winnen van het klassement was dichtbij. We waren in elk geval de meest constante ploeg.” Zes punten is het laagst behaalde resultaat.

Plannen
Het gegeven dat de roeiers bijna nooit eerstejaarsleden van Argo zijn, heeft een groot voordeel volgens De Vegt. “Iedereen is daardoor bewuster ergens aan begonnen en weet dat er een bepaalde verwachting is van roeien bij Argo als lichte vrouw. Daarnaast hebben veel eerstejaars in Wageningen hele dagen college. Waardoor het in de winter lastig is om overdag te trainen en ploegen weinig in de boot zitten. Ouderejaars hebben minder contacturen op de universiteit en kunnen beter trainingen plannen.”

Selectie
Eerstejaars vallen vaak als afroeiers ook nog niet zo op, zegt De Vegt. “Ploegen worden ingedeeld op lengte en lichte roeisters zijn nou eenmaal niet het langst. Vaak maken lichte vrouwen op een later moment zelf de keuze om te gaan selecteren als wedstrijdroeier. Ook hebben we standaard een goede clubvier. De helft van die ploeg vloeit vrijwel altijd door naar de eerstejaars, waardoor zij al ervaring hebben met roeien en wedstrijden varen.”

Winnen
Goed voorbeeld doet volgen. De Vegt geeft aan dat de behaalde successen ook anderen stimuleert om hard te gaan roeien bij Argo. “Winnen trekt aan. De selecties worden breder. Veel competitie roeiers willen ook gaan winnen en zo ontstaat er talent.” De selectie voor de lichte vrouwen is momenteel net zo groot als die van de zware vrouwenacht in Wageningen. Een groei van het aantal leden zou een bijkomend effect kunnen zijn. “Dit is het momentum om te groeien”, aldus De Vegt.

Samenwerking
De Vegt vindt dat het lichte vrouwenroeien groeit door goede samenwerking binnen de vereniging en uiteraard door consistente coaching als stabiele factor. “We hebben een profcoach die goed is met deze categorie roeiers”, zegt De Vegt.

Integratie
“Maar we geven ook veel talent door omdat we dingen met verschillende jaarlagen doen. Dit jaar heb ik bijvoorbeeld een paar keer op slag gezeten bij de eerstejaars. Daarvan kunnen zij weer leren. We hebben goede trucs ontwikkeld op mensen op te leiden tot goede scullers. Als kennis en integratie blijft dan kan het ver komen met de lichte vrouwen bij Argo.” De Vegt begon overigens haar sportcarrière als fanatiek zwemster. Komend seizoen zal De Vegt in de skiff aan de start verschijnen.