21 september 2019

Schwarz: ‘Dit had ik een maand geleden nooit gedacht’

Schwarz: ‘Dit had ik een maand geleden nooit gedacht’
De mannenvier na de winst in de halve finale. Foto: FISA

Waar het vorige wereldbekerwedstrijden vooral de vrouwenequipe was die de medailles binnenhaalde, waren het nu de mannen die zorgden voor succes. Na een paar aanpassingen lijkt hoofdcoach Mark Emke af te stevenen op een succesvolle equipe met drie potentiële medaillewinnaars op aankomende titeltoernooien.

Beide vieren van Emke behaalden in Zwitserland zilver, waarbij de vierzonder de meeste progressie vertoonde. Het kan blijkbaar snel gaan als een boot plotseling loopt. In Linz kwam zijn vlaggenschip nog niet verder dan de elfde plaats, een paar weken later staan vier glunderende mannen op het podium aan de Rotsee. Emke verving Kaj Hendriks voor jongeling Bram Schwarz en zette hem op slag. Björn van den Ende kon weer terug naar zijn vertrouwde boord. “Ik denk dat we een mooie mix aan kwaliteiten aan boord hebben. Het middenschip is met Tone Wieten en Jasper Tissen beresterk en Björn heeft als voormalig lichte roeier veel ervaring in deze discipline. Ik ben er voor het ritme en moet zorgen dat de rest zijn ding kan doen”, roemde Schwarz de ploegdynamiek.

Golven
Na de wedstrijden om de Koninklijke Holland Beker was Luzern pas de tweede wedstrijd van het kwartet. Schwarz: “Dat merkten we in de voorwedstrijd. Dat was echt even wennen. Vanaf de halve eindstrijd ging het steeds beter. In de finale kwamen we uitstekend uit de startblokken, maar was het wat rommelig in het middenstuk. Er kwamen golven van volgboten en daar gingen we niet goed mee om. Dan merk je nog hoe kort we pas bij elkaar zitten.” Het was het moment dat winnaar Australië makkelijk weg kon roeien en Zuid-Afrika de tweede plaats van de Nederlanders overnam. “Gelukkig vonden we elkaar weer in de eindsprint en konden we weer afstand nemen.”

Progressie
De roeier van Het Spaarne, die normaal gesproken in Washington studeert en roeit, denkt dan ook dat er nog verbetering inzit. “Als je ziet dat we met slechts 2,5 trainen week hier kunnen komen, moet het nog harder kunnen. Ik moet er wel bij zeggen dat Australië er nog wel erg ver voorligt. We zullen in het middenstuk echt een paar seconden harder moeten doorroeien om het hun lastig te maken. Maar met een goeie trainingsperiode moeten we een eind kunnen komen.” Desondanks is de Haarlemmer voor nu meer dan tevreden. “Ik denk dat we met deze uitslag niets te klagen hebben. Persoonlijk had ik een maand geleden nooit gedacht dat ik nu met een medaille om mijn nek op het erevlot van Luzern zou staan. Het is idioot snel gegaan.”

Verschillen
Dichterbij het goud was de dubbelvier van coaches Eelco Meenhorst en Diederik Simon. Groot-Brittannië bleek op de finishlijn slechts 0,73 seconde sneller dan de Nederlanders, die in het tweede stuk geruime tijd aan de leiding ging. Polen zat op hun beurt weer een fractie achter de ploeg van slagman Abe Wiersma. “In ons veld zijn de verschillen nu eenmaal klein, dat was in Oostenrijk ook al zo. Mijn coaches en ploeggenoten dachten vooraf dat we voor de winst mee konden doen en dat bleek ook tijdens de race. Al heb ik zelf niet opzij gekeken, ik weet dat mijn techniek daar onder lijdt”, sprak Stef Broenink met de nodige zelfspot.

Wereldtop
“Vlak na de finish baalden we dat we niet gewonnen hadden, maar dat sentiment veranderde snel. Dit was onze beste race tot nu toe. De voorwedstrijd vonden we nog matig en we zijn toen met elkaar gaan zitten om te kijken wat er beter kon. De conclusie was dat we iets teveel op de eindhaal hadden gefocust om ons bladwerk strakker te krijgen. Dat ging ten koste van het begin van de haal en tijdens onze vrije dag hebben we daar aan gewerkt. In de finale lukte precies wat we wilden. We moeten ook wel tevreden zijn. We behoren tot de wereldtop en denken nog ruimte voor verbetering te hebben. We kunnen bijvoorbeeld nog meer gemak krijgen in onze eindsprint.”