22 mei 2019

Column Helma Neppérus: Vinden we die waaier goed?

Column Helma Neppérus: Vinden we die waaier goed?
Foto: Ellen de Monchy.

Het was dit weekeinde heerlijk weer op de Bosbaan en dan is het leuk om naar roeien te kijken. Maar was het nou spannend? Nee, eigenlijk maar bij een enkele wedstrijd. Aan de roeiers en roeisters lag het niet. Het komt meer door het systeem van de waaiervorm. Dat maakt het roeien meer eerlijk, maar niet spannend. Je weet eigenlijk van te voren al wie winnen gaat.

In oude tijden werd er gewoon geloot en kwamen winnaars van voorwedstrijden net als bij veel andere sporten, op de middelste boeien in de finale. Na de windrijke wereldkampioenschappen in Kopenhagen (1987) kwam breed de gedachte op, om dit te veranderen.

Zo kwam dus het systeem met de beste ploegen uit voorwedstrijden en halve finales op de beste boeien. Tot voor een paar jaar gebeurde dat af en toe, maar nu wordt er al heel snel voor de zogeheten waaier gekozen. Het besluit om de waaier te gebruiken wordt vaak ook al genomen als het nog maar amper waait, maar wel harde wind wordt voorspeld.

Het roeien wordt zo eerlijker, maar er niet spannender op. Een deel van de finalisten weet bij voorbaat al dat ze volkomen kansloos zijn. Ik vraag me af dat goed is voor het roeien. Zouden niet naar een andere oplossing moeten zoeken? Laten we daar als roeiwereld over gaan praten.

Ik hoorde de timetrial al noemen. Dat is vaak eerlijker, maar niet boeiend om te zien en het kost veel tijd. Wellicht iets voor echt extreem weer, al kan het weer dan ook nog wisselen. Ik denk zelf hieraan: waarom altijd zes ploegen in de finale? Als je met vier ploegen roeit, kun je de buitenste boeien, waar juist het weer het meeste voordeel of nadeel geeft, mijden.

Ik wil niet terug naar de oude tijden, maar een kampioenschap, waar je bij de finale de winnaar vooraf al kunt opschrijven is ook niet boeiend. Dus roeivrienden, laten we er samen over nadenken. Het weer in Nederland vraagt daar om.