Het was zaterdag heerlijk toeven langs de baan in Hilvarenbeek. Er bleek amper overlast te zijn van het festival Best Kept Secret en iedereen kon genieten van vrijwel perfect roeiwater en eerlijke omstandigheden. Helaas liet de zondag van de ZRB een ander gezicht zien. Vanaf het einde van de ochtend stond de wind schuin op de baan wat zorgde voor gigantische boeiverschillen. Daar kon zelfs het principe van knock-out-wedstrijden waarbij slechts twee ploegen de baan over gingen niets aan veranderen.
Je kan als wedstrijd nu eenmaal geluk of pech hebben. In Rotterdam moet het niet te hard waaien en in Amsterdam of Tilburg kan je maar beter niet hebben dat de wind schuin op de baan staat. De wedstrijd kan verder perfect georganiseerd zijn, toch staat of valt een roei-evenement met de weersomstandigheden. Daar kan ook de Brabantse gemoedelijkheid en gezelligheid niet tegenop. Tot aan zondagmiddag liep het dan ook nagenoeg perfect rondom de Beekse Bergen. Het was weliswaar een drukte van jewelste op het botenterrein en rond de clubhuizen van Vidar en TOR, iedereen vond een plekje en had het naar hun zin. Zaterdag viel vooral de Henley-acht van Nereus op, die met ruim tien seconden de Brabant Acht op hun thuiswater versloeg. Geen goeie generale repetitie dus voor het octet dat is uitgezonden naar de Universiade over twee weken in Zuid-Korea.
De zondag stond vooral in het teken van de klassementswedstrijden die voor één keer in het seizoen over 1000 meter plaatsvinden en na een time-trial worden uitgevochten via een knock-outsysteem. Het blijft een welkome verrassing zo aan het eind van het seizoen en het verkleint de mogelijke baanverschillen op de wat dat betreft windgevoelige baan van de Beekse Bergen. Door eerst een time-trial te houden kwamen dan ook in de meeste velden geen al te gekke winnaars naar voren. Meestal eindigde de winnaar ook in de top-3 van de time-trial, al was Aegir in het lichte eerstejaars veld (5e om 1e) daar een uitzondering op. Vidar trok bij de zware mannen met hun zege definitief het klassement naar zich toe.
Toch was er genoeg frustratie langs de kant. Ploegen die geen halve finale hoefde te roeien maar vier uur moesten wachten voor de C-finale om er vervolgens in baan 4 kansloos vanaf geroeid te worden. Of boten die door nadeel een klasserende zesde plek voor de Holland Beker verspeelden. Meerdere coaches gaven na afloop aan protest aan te willen tekenen zodat de uitslag voor de klassementen gewist zou worden. Hoofd van de Jury, Bastiaan Witte, ontkent echter dat er sprake was van baanvoordeel. “We hebben gebruik gemaakt van de Fairness-tool die Time-Team heeft ontwikkeld en onze analyses gedurende de dag hebben zowel via de tool als handmatig geen direct boeiverschil aangetoond.”
Het is een opvallend antwoord. Bij de dertien laatste races kwam de winnaar uit de laagste boei en bij de laatste 25 wedstrijden, was dit 23 keer het geval. Dat lijkt geen toeval te kunnen zijn. Zeker omdat bij de wedstrijden over 2000 meter vier ploegen roeiden en daar meestal de beste ploegen juist in het midden lagen (ze hadden immers de voorwedstrijd gewonnen). Daarnaast kwamen zeven van de acht C-finales precies op volgorde binnen en zo kan je nog wel even doorgaan. Toch is Witte niet overtuigd. “Het is niet zo dat als dit gebeurt dat per se aan de baanverschillen te wijten is. De betere ploeg kan bijvoorbeeld toevallig steeds op baan 2 liggen. Dat hebben we onderzocht en bleek vaak het geval. Aan het begin van de middag zaten er slechts een paar gekke uitslagen tussen maar dat kan ook een snoek of iets dergelijks zijn geweest. Voor ons was het niet genoeg om baanvoordeel bevestigd te zien.”
Alleen over het eind van de dag wil Witte kwijt dat er opvallend vaak door de lage banen werd gewonnen, al waakt hij ervoor te bevestigen dat er sprake was van voordeel. “Maar je moet je beseffen dat we ook te maken hebben dat we tijd nodig hebben dit te interpreteren en er iets mee te doen.” Als bewijs voor zijn beweegredenen stuurt hij een bestand mee met de data van de klassementswedstrijden. En het moet inderdaad gezegd worden, meestal lag bij de knock-out-races de verwacht betere ploeg ook in baan 2. Dit neemt echter niet weg dat vanaf 15.30u het steeds vaker voorkwam dat een minder snelle ploeg uit de time-trial in baan 2 won van de beter geachte ploeg in baan 3. Daarnaast bevat het document geen races van de twee-kilometerwedstrijden. Alle 18 wedstrijden die tussen 16.16u en 17.32u werden gestart, werden gewonnen door een ploeg in baan 1 of 2. Hetzelfde gold voor de finales van vóór 15.00u. Die werden zelfs allemaal gewonnen door laagste baan.
Witte wil verder graag kwijt dat het voor de organisatie sowieso onmogelijk was iets te doen. De veel geopperde mogelijkheid om bij de reguliere races de beste ploegen in de beste banen te leggen (dus de winnaars van de voorwedstrijden) blijkt namelijk volgens de reglementen helemaal niet mogelijk. Net als bij de discussie rond de NK Klein blijken de Nederlandse regels af te wijken van de FISA waar plaatsing op de beste banen wel mogelijk is. “Waarom dat zo is, weet ik ook niet precies, maar al zou er dus theoretisch sprake zijn geweest van baannadeel dan had ik nog niets gekund” aldus Witte, die overigens wel deel uitmaakt van de Kamprechterscommissie, welke het bestuur adviseert over deze regelgeving. “Daarnaast heb je op een vier-ploegen-baan minder mogelijkheden tot schuiven dan bijvoorbeeld op de Bosbaan of in Rotterdam.”
Een andere mogelijkheid was het verbieden van opschuiven van banen bij vooral de knock-out races. Na verloop van tijd ging bijna elke ploeg die in baan 2 gestart was zo snel mogelijk naar baan 1 om daar de wedstrijd in de luwte te vervolgen. Hier werd niet tegen opgetreden, wat leidde tot de nodige ergernis bij coaches van ploegen in baan 3 (hoewel die ploegen ook naar baan 2 opschoven, ware het niet dat in baan 1 de luwte nog groter was). Ook dit heeft Witte amper gezien. “Voor zover ik het heb kunnen waarnemen – en vanaf de finishtoren heb je het beste overzicht – is dit niet gebeurd. Daarnaast wil ik benadrukken dat er bij ons weten geen baanvoordeel was. Dan is er dus ook geen reden om baan 1 te sluiten.”



