Op Proteus-Eretes hebben heel wat Zuid-Hollandse roeiverenigingen vandaag hun krabbel gezet. Niet om te beloven dat ze de Delftenaren komende zondag ruim baan gaan geven bij de Varsity, maar om te onderstrepen dat veiligheid op het water een belangrijk goed is. In het bijzijn van Annemarie Jorritsma, voorzitter van de Koninklijke Schippersvereniging Schuttevaer, Jappe Zijlstra, voorzitter van de Zuid-Hollandse Roeibond, en Ingrid de Bondt, gedeputeerde vanuit de provincie, tekenden acht verenigingen het convenant ‘Veilig Varen doe je Samen’. Daarmee beloven ze plechtig meer rekening met elkaar te houden.
Het convenant in Zuid-Holland vindt zijn oorsprong in Twente. “In 2008 werd daar al een convenant gesloten tussen roeiverenigingen en Rijkswaterstaat, en destijds leek me dat al een goed plan om ook hier te realiseren”, legt Jappe Zijlstra, voorzitter van de Zuid-Hollandse Roeibond (ZHRB) uit. “Precies vier jaar geleden hebben we toen met de partijen bij elkaar gezeten, alleen de gesprekken vorderden moeizaam omdat provincie niet heel happig was op nieuwe reguleringen. Die hadden als beheerder van de vaarwegen net besloten om het vrachtverkeer ruim baan te geven. Toen in 2010 een vier-zonder van Proteus-Eretes werd overvaren heb ik dat aangegrepen om het probleem weer aanhangig te maken bij de provincie. Dat was het spreekwoordelijke kalf waardoor de put uiteindelijk gedempt is.”
Na vier jaar wikken, wegen en overleggen is er vandaag dus eindelijk iets uit komen rollen. Een wat vage belofte, noemt Zijlstra het zelf, maar het dat maakt het nog geen wassen neus. “Het feit dat we met elkaar in gesprek zijn is al goed. En wat ook goed is, is dat we nu een meldpunt hebben mochten er ongelukken gebeuren. Bruggen worden steeds meer op afstand bestuurd, dus er zijn minder brugwachters om zaken in de gaten te houden. Bij gewonden bel je natuurlijk met 112, maar als er alleen materiële schade is heb je daar niks aan. In onze zoektocht naar de juiste partij om in contact mee te treden zijn we ooit een keer doorverwezen naar de waterpolitie van Amsterdam. Dat had natuurlijk weinig zin. Nu kan er gelukkig gebeld worden met een centraal meldpunt in Leidschendam.”
Het is een van de kleine dingetjes die er in het convenant zijn opgenomen. Teveel concrete regels hadden geen zin gehad, weet Zijlstra. Dan waren er volgens de voorzitter van de ZHRB teveel roeiverenigingen afgehaakt. Roeiers hebben geen zin om zich verplicht in een geel hesje – die door de Provincie Zuid-Holland beschikbaar zijn gesteld – te moeten hullen als ze het water opgaan. Maar wat ze wel willen beloven is dat ze de opleiding verbeteren: hun leden beter uitleggen wat de vaarregels zijn en wat de stoplichten op de bruggen nu precies betekenen. Het zou namelijk niet de eerste keer zijn dat een roei(st)er of roeiploeg wars van de geldende regels tegen de richting in besluit te varen – met alle gevolgen van dien.
“Gelukkig hebben we de laatste tijd geen ongelukken gehad”, vertelt Savanne Hintzen, materiaalcommissaris van Asopos de Vliet. “Op de Dwarswatering [het water waar Asopos aan ligt, red.] is het niet zo druk qua boten, maar zodra we de Zijl op gaan varen er genoeg grote binnenvaartschepen en dan kan het best link zijn. We hebben aan de vertegenwoordigers van de binnenvaarders gevraagd of onze stuurlieden met hen mee kunnen varen om zo te ervaren hoe moeilijk het zicht is vanuit de stuurhut. We hebben nu gele hesjes en vragen de roeiers die ook aan te doen, maar zo’n hesje helpt je natuurlijk niet als je al in de dode hoek zit.”
Het is niet alsof men in Leiden onbekend is met ongelukken op het water. In 2004 werd een clubacht van Njord, die qua verlichting alleen een fietslampje voor en achter op de boot had gemonteerd, vol aangevaren door een rijnaak. De houten boot brak doormidden, de roeisters belandden allemaal in het water, maar ondanks een aantal hachelijke momenten kwam iedereen er zonder kleerscheuren vanaf. Het ongeluk was voor de waterpolitie in de sleutelstad aanleiding om actie te ondernemen en bij de roeiverenigingen in Leiden aan te sturen op betere verlichting.
Maar ongelukken met vrachtboten gebeuren vrijwel overal in Nederland. Of het nu in Enschede is, tijdens de Ringvaart, op de IJssel of, recent nog, in Wageningen, waar een acht van Argo door midden werd gevaren op de Rijn. “Aanvaringen komen helaas vaker voor, en gelukkig heeft het tot nog toe nauwelijks tot letsel geleid”, zegt Zijlstra. “Ik denk dat we met dit convenant al wat concrete stappen in de goede richting zetten. De ongeorganiseerde motorboten, pleziervaart die de vaarregels niet kent of aan de laars lapt, pak je hier natuurlijk niet mee. Deining ben je dus nog niet kwijt. Maar het convenant zorgt er wel voor dat je bij andere partijen begrip kweekt en wie weet zullen zij dan in ieder geval hun best doen om de golven te beperken. Ik denk dat het voor veel andere verenigingen en regionale bonden ook goed zou zijn om dit soort gesprekken aan te gaan.”



