Who to Watch – WK Bled (Deel 1)

Archief

Wereldtitels zijn leuk, olympische startbewijzen nog leuker. Het draait tijdens de wereldkampioenschappen in Bled, Slovenië, niet enkel en alleen om de bronzen, zilveren en gouden medailles. Bijna belangrijker is de eindklassering: is die voldoende voor een nominatie voor de Olympische Spelen van volgend jaar? Het bergmeer in Bled is het toneel van de strijd en vooruitkijkend op de zaken belooft het een bijzondere aangelegenheid te gaan worden. Ruim 1200 atleten hebben zich aangemeld bij wereldroeibond FISA. Welgeteld 68 landen doen in verschillende bootklassen een gooi naar de prijzen. Wie zal er aan het langste eind trekken? En belangrijker nog: halen de Nederlandse ploegen de olympische limiet? NLroei waagt zich aan een voorzichtige voorspelling.

M1x
Sinds de Holland Beker is duidelijk dat de strijd in de skiff gaat tussen twee mannen: Mahé Drysdale uit Nieuw-Zeeland en Ondrej Synek uit Tsjechië. Laatstgenoemde was vorig jaar onverslaanbaar, maar Drysdale is een doorbijter. Ondanks een (vrij ernstige en chronische) rugblessure die hem dwong tot een radicale aanpassing in zijn trainingsschema – meer fietsen, minder roeien – kroop de Nieuw-Zeelandse reus dichterbij zijn aartsrivaal. De fantastische finish op de Holland Beker is tot nog toe het mooiste gevecht in dit toch al boeiende seizoen. Achter de twee kemphanen is het een beetje een rommeltje. De regerend olympisch kampioen Olaf Tufte worstelt al geruime tijd met zijn vorm, en de kans lijkt inmiddels klein dat hij nog mee gaat doen voor de knikkers. Marcel Hacker (Duitsland), die tijdens de eerste wereldbekerwedstrijd in München nog hoge ogen gooide, moest in Hamburg en Luzern verstek laten gaan en is in Bled hét grote vraagteken. Ook Lassi Karonen zou wel eens goed voor de dag kunnen komen, maar in de buurt van Drysdale en Synek? Dat lijkt uitgesloten.
Voorspelling: 1. Ondrej Synek (CZE), 2. Mahé Drysdale (NZL), 3. Marcel Hacker (GER)

W1x
Dé verrassing in Luzern was wel de winst van de Nieuw-Zeelandse Emma Twigg. Vorig jaar was de nog maar 24 jaar oude skiffeuze al goed voor de bronzen medaille in haar thuisland, maar het leek niet voor de hand liggend dat Twigg in een onderling gevecht ook af kon gaan rekenen met de ervaren Ekaterina Karsten. De Wit-Russische gigant, die een schatkist vol gouden medailles heeft, lijkt haar dominantie een beetje kwijt te zijn. Dat biedt perspectief voor de nieuwe garde. Vorig jaar greep de Zweedse Frida Svensson al verrassend de macht – “een misrekening”, aldus Karsten tijdens Holland Beker – maar dit jaar is het niet ondenkbaar dat de ervaren blondine weer achter het net vist. Ook de Chinese Xiuyun Zhang ligt namelijk op de loer, na een sterke tweede plek in Luzern. Aan de andere kant: misschien wordt het toch Karsten. De olympisch kampioene van 1996 (!) is immers het sterkst als stuurlui aan wal denken dat ze af gaat haken. Leuke toevoegingen aan het veld zijn overigens de Litouwse Vistartaite en de Estse Pajusalu, de winnaressen van respectievelijk het goud en het brons tijdens het WK onder 23 in Amsterdam.
Voorspelling: 1. Ekaterina Karsten-Khodotovich (BLR), 2. Emma Twigg (NZL), 3. Xiuyun Zhang (CHN)

LM1x
Niet-olympisch, maar daardoor niet minder interessant. Sinds het WK onder 23 is er namelijk een nieuw wereldrecord in dit nummer, 6:46.93, op naam van de Fransman Jeremie Azou. De oude toptijd van Zac Purchase (6:47.82) blijft echter ook bestaan, waardoor de recordpagina van Worldrowing er wat bijzonder uitziet. Azou zit tijdens het WK echter vrolijk in de dubbeltwee, en in zijn schaduw zullen er vier kandidaten zijn voor de titel. De Nieuw-Zeelander Duncan Grant, vorig jaar nog teleurstellend in de B-finale, lonkt na Luzern weer nadrukkelijk naar het WK-podium. Zijn grootste tegenstrevers zijn de Deense ergometerbeul Henrik Stephansen, de Duitser Jonathan Koch en de Engelsman Adam Freeman-Pask. Let ook op de sympathieke Amerikaan Andrew Campbell Jr, die op het WU23 ook al goed was voor een bronzen medaille.
Voorspelling: 1. Duncan Grant (NZL), 2. Henrik Stephansen (DEN), 3. Adam Freeman-Pask (GBR)

LW1x
Marie-Anne Frenken is de laatste jaren heel geleidelijk aan een opmars bezig richting de subtop van de wereld. Haar beste prestatie tot nog toe, zesde in Luzern dit jaar, lijkt nog maar het begin. Maar eenvoudig wordt het niet in Bled. Klinkende namen als de zeer talentvolle Britse Katherine Copeland, ergometerkanon Ursula Grobler (Amerika), oud-wereldkampioene Pamela Weisshaupt (Zwitserland) en regerend wereldkampioene in de dubbeltwee Tracy Cameron (Canada) liggen op de loer. Het exotische fruit in de mix is de Braziliaanse Fabiana Beltrame, eigenlijk de enige roeister in haar land die met de wereldtop mee kan komen. Frenken zal het in dit veld zwaar krijgen en het valt te bezien of de Leidse roeister weer finale kan varen. Het seizoen duurt al lang, en een eerste WK is altijd net wat anders dan ‘gewoon’ een wereldbekerwedstrijd.
Voorspelling: 1. Katherine Copeland (GBR), Ursula Grobler (USA), 3. Fabiana Beltrame (BRA), 8. Marie-Anne Frenken (NED)

M2-
Hét veld om naar uit te kijken dit WK is de strijd in de mannen twee-zonder. De druk van de Britse roeinatie hangt als een zwaard van Damocles boven de hoofden van Andrew Triggs Hodge en Peter Reed, maar tot op heden hebben ze geen antwoord op de ongenaakbare Nieuw-Zeelanders Hamish Bond en Eric Murray. In de wandelgangen wordt gefluisterd dat de al razendsnelle wereldbesttijd van Mathew Pinsent en James Cracknell uit 2002 niet veilig is voor de Kiwi’s. En de Britten? Die kijken lijdzaam toe. De concurrentie neemt een jaar voor de Spelen alleen maar toe. Waren het eerst de Griekse tweelingbroertjes Gkountoulas die vrijwel standaard konden tekenen voor brons, inmiddels hebben de Canadezen Dave Calder en Scott Frandsen zich aan de frontlinie gemeld. Het Noord-Amerikaanse duo lag in Luzern zelfs lange tijd op een zilveren positie, maar had geen adem over in de laatste vijfhonderd meter. In Bled kan dat wel eens anders zijn. En Rogier Blink en Nanne Sluis? Die moeten hopen op een goede race. Een plek in de B-finale is goed mogelijk, maar dan moet die laatste 500 meter wel goed gaan – iets wat lang niet altijd het geval is.
Voorspelling: 1. Bond/Murray (NZL), 2. Calder/Frandsen (CAN), 3. Triggs Hodge/Reed (GBR), 9. Blink/Sluis (NED)

W2-
Ook bij de vrouwen gaat de strijd in de twee-zonder tussen Groot-Brittannië en Nieuw-Zeeland. Op het eigen Karapiro-meer waren Juliette Haigh en Rebecca Scown nog overduidelijk de beste, maar dit jaar hebben de Britse dames Heather Stanning en Helen Glover laten zien over veel snelheid te beschikken. Het grote gat van vorig jaar zullen we daarom in Bled niet zien, eerder een spannende strijd tot de laatste meters. Er zijn bovendien weinig ploegen die in de buurt zullen komen. De Amerikanen misschien. Zij hebben met de ervaren Caryn Davies – een blauwe maandag nog roeiend bij Skøll in Amsterdam – een troef in handen. Ook de Australiërs hebben een redelijke ploeg, maar niet meer dan dat. De kanshebbers voor het brons zullen dan eerder uit het oostblok komen: Roemenië en Wit-Rusland zouden daar wel eens aan de poort kunnen gaan rammelen. De Wit-Russische dames waren op de Spelen in 2008 namelijk al goed voor brons.
Voorspelling: 1. Stanning/Glover (GBR), 2. Haigh/Scown (NZL), 3. Davies/Glessner (USA)

LM2-
Als ‘startende reserves’ staan Arnoud Greidanus en Joeri Bruschinski op de officiële communicatiepapieren van de KNRB. Maar het zijn wel reserves met een missie. De weblog van Bruschinski heeft het wellicht wat hoogmoedig over goud. Desalniettemin heeft het Tilburgs/Delftse duo zeker kansen, in ieder geval om de finale te halen. Daarna wordt het wat lastig. Het Britse tweetal Emery/Chambers kan erg hard varen, en hoewel de Nieuw-Zeelanders James Lassche en Graham Oberlin-Brown teleurstelden in Luzern zijn ze niet weg te cijferen. Ook Italië (de Maria en dell’Aquila) en Duitsland (Seibt en Wichert) zullen aan de voorhoede meevechten. Opvallend: het Franse duo Bette en Tilliet is er niet bij! De afgelopen twee jaar waren ze wereldkampioen dus dat betekent een nieuwe pikorde. Na drie jaar twee-zonderen kiezen de ervaren Franse rotten nu voor de lichte acht.
Voorspelling: 1. Emery/Chambers (GBR), 2. Seibt/Wichert (GER), 3. De Maria/Dell’Aquila (ITA), 5. Greidanus/Bruschinski (NED)

M2x
De strijd in de mannen dubbeltwee is de laatste paar grote toernooien om te snijden geweest. De ‘red express’ met de Britten Marcus Bateman en Matthew Wells viste ondanks een sterk seizoen vorig jaar achter het net bij de wereldkampioenschappen. Sindsdien zijn de Nieuw-Zeelanders Joseph Sullivan en Nathan Cohen de te kloppen ploeg. Achter hen is het echter druk: de sterke Franse dubbel (Bahain/Berrest) wil dit seizoen eindelijk weer eens laten zien wat ze waard zijn en ook de Duitsers zijn weer helemaal terug van weggeweest. Rest nog de regerend olympisch kampioenen, David Crawshay en Scott Brennen (AUS), die net als de Sloveense ervaringsdeskundigen Luka Spik en Iztok Cop nog op zoek zijn naar meer snelheid. Laatstgenoemde ploeg zal op het thuiswater wel willen scoren, dus dat belooft veel vuurwerk.
Voorspelling: 1. Sullivan/Cohen (NZL), 2. Bateman/Wells (GBR), 3. Knittel/Grühne (GER), op de voet gevolgd door 4. Bahain/Berrest (FRA)

LM2x
Voor het eerst sinds 2002 is er weer een Nederlandse lichte dubbeltwee op een WK. Negen jaar geleden finishten de jonge honden Ivo Snijders en Gerard van der Linden op een tiende plaats. Mochten Bjorn van den Ende en Joris Pijs die prestatie willen verbeteren dan zullen ze flink aan de bak moeten. In Luzern kon het tweetal al proefdraaien, maar echt goed ging het nog niet. Een zestiende plaats overall is bovendien onvoldoende als het duo werkelijke olympische aspiraties heeft. Bovendien is de concurrentie niet mals: liefst 34 (!) landen hebben zich aangemeld. Lang niet alle naties zijn kwalitatief goed te noemen, maar er zitten genoeg pareltjes tussen. Engeland, bijvoorbeeld, dat sportieve revanche zal moeten nemen na een dramatisch wereldbekerseizoen met veel blessureleed en teleurstellende prestaties. Nieuw-Zeeland, vorig jaar slechts brons op het WK, nu terug voor hun verloren wereldtitel. En wat te denken van de Deense dubbeltwee met Mads Rasmussen en Rasmus Quist? Dan zijn er ook nog de Fransen, de Duitsers, de Italianen en wie weet wat onze zuiderburen gaan doen? Hannes en Thijs Obreno waren in Luzern goed voor plek twaalf, een positie waar Nederland misschien slechts van kan dromen. We gaan het zien.
Voorspelling: 1. Taylor/Uru (NZL), 2. Luini/Bertini (ITA), 3. Rasmussen/Quist (DEN), 13. Pijs/v.d. Ende (NED)

LW2x
Maaike Head en Rianne Sigmond kwamen tijdens de wereldbekerwedstrijden in Luzern gevaarlijk dicht bij een plek in de A-finale. Gevaarlijk, want de ploegen die met de hakken over de sloot die eindstrijd bereikten zijn gewaarschuwd. Dat wil echter niet zeggen dat een olympisch startbewijs zomaar in het verschiet ligt. Head en Sigmond hebben lang gepuzzeld, voeren in Luzern goed, maar nog niet écht goed, en zullen al hun ervaring nu moeten aanwenden om die o zo belangrijke plekjes op te schuiven naar boven. Bij de strijd om de medailles zal het gaan tussen Groot-Brittannië, Australië, Griekenland, de Verenigde Staten en outsider Duitsland. Wereldkampioen Canada is gehavend: Tracy Cameron is door een ribfractuur buiten de boot beland en wordt vervangen door de talentvolle Patricia Obee, in Amsterdam al goed voor een bronzen medaille in de lichte skiff. Maar gezien de moordende concurrentie in de lichte dubbeltwee zullen de Canadezen al blij moeten zijn met een plek bij de eerste vijf.
Voorspelling: 1. Hosking/Goodsell (GBR), 2. Kalampoka/Giazitzidou (GRE), 3. Nichols/Hedstrom (USA), 9. Head/Sigmond (NED)

Tot zover Deel 1 van de Who to Watch. Morgen volgt deel 2, vanuit Bled, met een allereerste impressie van het meer waar tussen 28 augustus en 4 september gestreden zal worden. NLroei verzorgt tijdens het gehele toernooi dagelijks verslagen en een live updates via Twitter. Vanzelfsprekend zal er ook veel fotomateriaal beschikbaar komen. Als klap op de vuurpijl doen we een proef met audio-interviews.

Evenement: World Rowing Championships
Datum: 28 augustus t/m 4 september 2011
Locatie: Bled (SLO)