Herkansingen geen prooi voor Nederland

Archief

Het lijkt bijna een trend te worden. De Nederlandse ploegen die in de herkansing terecht zijn gekomen weten zich namelijk tot nog toe niet te revancheren voor de eerdere optredens in het toernooi. De ene ploeg is er dichterbij dan de andere, dat wel. Roel Braas voer gisteren naar 6:54:21, in alle andere herkansingen genoeg voor een plek in de halve finale maar alleen in die van hem niet. Ook de zware vier-zonder voer vandaag een goede race en bleef ruim 1500 meter bij de leiders in de wedstrijd. In de eindsprint moest het Nederlandse kwartet de Grieken, Fransen en Australiërs toch laten gaan. Bondscoach Dave McGowan was desondanks tevreden.

“Het was een goede race”, zei de Australische bondscoach vanaf het botenterrein. Voorafgaand aan de wedstrijd had McGowan al aangegeven dat het een bijzonder zware opgave zou worden om in deze herkansing, waar alleen de eerste twee naar de finale mochten, een ticket voor de medaillestrijd te bemachtigen. Dat de Griekse vier zo goed zou presteren – de boot met Gkountoulas-tweeling, Tsilis en Papachristos won verrassend de herkansing – lag niet echt in de lijn der verwachtingen van McGowan. “Normaal heb ik het in mijn voorspellingen bijna altijd goed, maar hier moet ik keer op keer mijn ideeën bijstellen. Het gaat gewoon verschrikkelijk hard, op alle fronten. Er zijn niet echt landen meer bij die er niet meer toe doen. De jongens moeten tevreden zijn.”

Tevredenheid was niet echt af te lezen aan de gezichten van Mitchel Steenman, Olaf van Andel, Robert Lücken en Mechiel Versluis. Ze waren dan ook dichtbij een stunt geweest, maar met een ploeg die pas een paar weken samen roeit is het moeilijk om de meer ervaren ploegen in het laatste kwart het vuur aan de schenen te leggen. Met een gebrek aan inzet had het in ieder geval niks te maken; de Spaanse ploeg die de Nederlanders in de voorwedstrijd nog voorbleef werd al in het eerste stadium van de wedstrijd naar de vergeetput verwezen. Het advies van McGowan om de race hard te maken hadden de mannen dan ook duidelijk ter harte genomen.

Minder dichtbij was de andere ploeg die vandaag moest starten. Wianka van Dorp en Olivia van Rooijen varen een teleurstellend toernooi. In de voorwedstrijd had het duo nog last van een slecht afgesteld roertje en was de twee-zonder op die manier meer bezig met uit de ballen blijven dan met het varen van een race. In de herkansing was van dat ongemak geen sprake meer. De synergie leek simpelweg te ontbreken. Het gemak waarmee de twee vorig jaar voeren op wedstrijden in Nederland en op het WK onder 23 lijkt weg te zijn, en in plaats daarvan oogde het roeien bij vlagen hulpeloos en angstig in plaats van gretig en agressief. In een wedstrijd waarin enkel de eerste twee posities recht gaven op een plaats in de finale kregen Van Dorp en Van Rooijen al in de eerste 500 meter zeven seconden aan hun broek. Na twee kilometer bedroeg de achterstand op nummer twee Canada 20 seconden.

Het WK loopt op deze manier wat stroef. Van lang niet alle ploegen werd verwacht dat ze ‘zomaar’ een finaleplaats weg zouden kapen, maar tot nog toe wordt de Nederlandse leeuw alleen maar verder in het verdomhoekje gedrukt. De Nieuw-Zeelandse kiwi daarentegen gloort als nooit tevoren. Met een schitterende eindsprint waren het bijvoorbeeld de voor thuispubliek varende Lucy Strack en Julia Edward die voor de verrassing van de dag zorgden en een LW2x-finaleplaats wegkaapten voor de neuzen van de beter geachte Amerikaanse lichte dames. Met hun optreden laten de Nieuw-Zeelandse dames zien dat het laatste kruit nog niet verschoten is en alles nog mogelijk moet zijn. De ploegen die morgen in actie komen – beide achten, skiffeur Jaap Schouten en de lichte vier-zonder – zijn desalniettemin gewaarschuwd: de herkansingen en halve finales worden een heet onderonsje.


Roei.tv: