Finaleplaats lichte vier lichtpuntje tijdens halve finales WK

Archief

De lichte vier-zonder met Roeland Lievens, Tim Heijbrock, Vincent Muda en Tycho Muda was de enige Nederlandse boot die zich na de halve finales van vandaag in het bloedhete Poznan wist te plaatsen voor de finales van dit weekend. De andere Nederlandse ploegen, de lichtgewicht skiffeur Jaap Schouten en de lichte dames dubbeltwee Rianne Sigmond en Maaike Head, slaagden er niet in om bij de beste drie te eindigen in de halve eindstrijd. Vooral de afwezigheid van Jaap Schouten in de finale was een opmerkelijke domper voor het Nederlandse roeien. De roeier van Njord gold na een goede en veelbelovende trainingsstage in München als een medaillekandidaat. Het mocht helaas niet zo zijn. Het succes van de lichte vier smaakte na de verloren halve finales van de LM1x en de LW2x dubbel zo zoet, zeker gezien de spannende ontknoping. “Zondag gaan we echt roeien, jongens”, glimlachte Vincent Muda aan het vlot, terwijl hij zijn bootgenoten met high fives feliciteerde met het behalen van de finale.

Dat het weer een bepalende factor kan zijn in Poznan was al duidelijk na de voorwedstrijden eerder deze week verroeid op het Malta-meer. Waar eerst sprake was van grauwe luchten, harde windstoten en onberekenbare vlagen was het vandaag een brandende hitte en een voor de lage banen ongunstige zijwind. Naarmate de middag vorderde werd het baanvoordeel steeds meer duidelijk: ploegen op baan vijf en zes sprongen steevast in de eerste duizend meter weg. Favorieten voor een plaats in de finale die lagere boeien hadden geloot kwamen daarom vaak in de problemen en wisten die vaak ternauwernood of soms zelfs niet weg te werken. De hoge temperaturen bij deze omstandigheden optellend maakte het roeien in de halve finales tot een slijtageslag; de Poolse wereld- en Olympisch kampioenen in de zware dubbelvier lagen na hun gewonnen race uitgeteld aan het vlot, op hun hoofd een plastic zak vol ijsblokjes om maar voldoende af te koelen.

Ook de lichte vier lag uit te hijgen aan het vlot na hun race. Eerst hadden Heijbrock, Lievens en de gebroeders Muda met spanning naar het scherm gekeken om te kijken of hun eindsprint genoeg was geweest voor de finale. Na luttele momenten kwam de verlossende uitslag: derde, weliswaar achter de Denen en de Duitsers – die een dead heat voeren met 6:11.76 – maar een seconde vóór de Amerikaanse lichte vier-zonder. “Ja!” brulde Lievens na het zien van de einduitslag. De roeier van Proteus-Eretes is de enige van de vier die al een keer eerder op een senioren-WK actief was in de LM4-; in 2007 finishte hij op de elfde plaats, net voldoende voor kwalificatie voor Beijing. Nu dus haalt Lievens de finale, een mooie opsteker na een seizoen dat begon met een lang slepende blessure.

Extra pluspunt aan de race van de lichte vier was de tijd die de Nederlandse ploeg realiseerde. Met 6:13.55 was het kwartet nagenoeg precies vier seconden sneller dan de winnaars van de eerste halve finale, Polen. De manier waarop die ploeg het veld op apegapen zette na 1000 meter was indrukwekkend. Dat de Nederlanders op dat punt al vier seconden harder gingen misschien nog wel meer. De echte vergelijking volgt zondag pas in de finale, maar bondscoach John Faulkner was uitermate tevreden met zijn jongens. “Ik raakte ze na de 1200 meter uit het oog door de fietsende menigte, maar wat een geweldige race.” De kleine Engelsman prees zijn vier met het goede roeien en ziet veel potentie in de ploeg voor de toekomst. “Deze jongens kunnen het helemaal gaan maken.”

Dat de lichte skiffeur Jaap Schouten het zou gaan maken stond voor het overgrote deel van de Nederlandse roeifans al vast. De finale halen, daar bestond geen twijfel over. Schouten, met zijn ervaring in de eenzitter en een bronzen en zilveren wereldkampioenschapsmedaille op zak, zou dat varkentje toch wel wassen? De loting was voor de roeier van Njord bovendien niet slecht uitgepakt. Favorieten Duncan Grant (NZL) en Vasileios Polymero (GRE) moesten het in de andere halve finale met elkaar uitvechten en ook Fabrizio Gabriele (ITA), de Japanner Daisaku Takeda en de in het begin van het seizoen nog goed roeiende Brit Adam Freeman-Pask roeiden in die halve eindstrijd. Schouten hoefde het in zijn race ‘slechts’ op te nemen tegen de Deen Mads Rasmussen, de voormalig wereldkampioen (2005) Tamas Varga uit Hongerije – dit jaar nog te bewonderen op de Ergohead – en onder 23 kampioen Mohsen Shadi Nagadeh uit Iran. De Leidse roeier begon goed aan zijn race en nam brutaal de leiding, maar na ongeveer 800 meter roeien zoomde de camera van de FISA in op het vermoeide en pijn uitstralende gezicht van Schouten. Toen het veld dichterbij kwam brak de roeier en finishte uiteindelijk als zesde. Niet moegestreden, integendeel, maar mentaal geknakt. “Te weinig zelfvertrouwen”, sprak coach Lili Wabeke-Meeuwisse achteraf. Samen met Schouten had ze een tijdlang op de tribune de wedstrijd besproken. “Het is zo jammer”, zei Meeuwisse. “Hij was zo verschrikkelijk goed bezig, in München roeide hij beter dan ik hem vorig jaar heb zien doen. Tachtig procent van de trainingen daar was gewoon echt uitstekend. Hij pikte alleen de kleine foutjes eruit en bleef daarop focussen.”

Vrijwel alle roeiers van de Nederlandse équipe die de race volgden op de talloze video-schermen rondom de baan reageerden verslagen. Dat daarna ook nog de lichte dames dubbeltwee niet mee kon komen met de rest van het veld en ver achteraan finishte was een extra domper. Dat Rianne Sigmond en Maaike Head waarschijnlijk nog niet met de absolute top van de wereld mee zouden kunnen was de verwachting, maar niet dat ze zich zo zouden laten kennen en ver achter het veld zouden liggen. De twee roeisters van Skadi lagen vermoeid in de uitroeibaan na hun race. ‘Het ging niet’, gebaarden ze. Sigmond haalde haar schouders op. “In de start lagen we al achter, toen hebben we duizend meter geknokt maar daarna was het leeg.” Het was inderdaad halverwege de wedstrijd dat Sigmond en Head wegzakten en niet meer meekonden met de Poolse dames die later nog derde werden en zich wel kwalificeerden. Als de twee samen doorgaan volgend jaar zullen ze de nodige toproeiers weer terug zien keren naar de Olympische klasse lichte dames dubbeltwee. Dan wordt het nog moeilijker om goed te presteren en de A-finale te halen. Zaak is nu voor het Skadi-duo om het WK goed af te sluiten: met een hoge klassering in de B-finale.

Ook wat de finaleplaatsen van de Nederlanders zit er nog genoeg in. In de niet-Olympische klassen is de dames vier-zonder (morgen om 11:18) huizenhoog favoriet voor de titel. In de exhibition race was een eindsprint niet eens nodig om de directe tegenstand (Amerika) van het lijf te houden. Ook de lichte acht, die Skadi-roeier Pieter Rom Colthoff naar Polen haalde om de lichte geblesseerde Joeri Bruschinski te vervangen, is medaillekandidaat. Rom Colthoff zal die race mits er geen rare dingen gebeuren niet varen; Bruschinski lijkt met het extra herstel wat hem door de komst van een reserve is gegund voldoende bijgekomen en zal met pijnstillers de wedstrijd varen.

Naast de lichte acht zullen zondag ook de dames acht, de zware acht en de lichte vier-zonder in actie komen voor de medailles. Alledrie de ploegen hebben kansen, maar het loodzware veld zou ze ook zomaar ongezind kunnen zijn. Zeker als het machtige Poolse weer tegenzit.

De finales van morgen beginnnen om 10:03 met aangepast roeien. Met de W4- bijten om 11:18 de gewone nummers het spits af met als kroon op de middag de finale van de mannen skiff om 13:03. Jaap Schouten (LM1x) vaart om 14:36 zijn B-finale; Head en Sigmond (LW2x) een uur later om 15:36. De W2- met Olivia van Rooijen en Wianka van Dorp werd vandaag tweede in de C-finale en eindigde daarmee als 14e overall het WK.

Tagged