Eerstejaars: Vidarvrouwen in de vier-met trappen hard, ook als het om lol gaat

TxMiller Eerstejaarsklassement

Doorgaans zijn het de grote verenigingen die het eerstejaarsklassement domineren. Dit jaar zijn het Nereus, Laga en Triton die veel klassementen aanvoeren. Echter, er is dit seizoen één opvallende uitzondering. Tilburg waant zich even een soort Gallisch dorp.

Want Vidar heeft zich een comfortabele koppositie in een lijst aangemeten. De vier-met bij de eerstejaarsvrouwen staat namelijk fier bovenaan dankzij een indrukwekkende overwinningsreeks. Bij de Westelijke Regatta werd er wederom een ruime overwinning geturfd.

Hoofdcoach Amber Wijkel zag vorig jaar september het begin van deze ploeg ontstaan. Samen met haar medecoaches kreeg ze de opdracht om uit een relatief kleine groep aanmeldingen een zo potentieel sterk mogelijke formatie samen te stellen. Doordat de aanmeldingen in Tilburg een stuk lager liggen dan bij veel andere verenigingen, bracht hen dat tot het besluit te kiezen voor een vijftal dat in de vier-met de verenigingskleuren zou gaan verdedigen. Saillant detail: de roeisters zijn allemaal echte eerstejaars.

Graadmeter
De CEK, het Delftse ergometer-alternatief voor de NKIR, gaf nog weinig reden tot optimisme. “Onze ploeg eindigde toen ergens onderaan”, vertelt Wijkel. “Al wisten we dat zo’n beeld vertekenend is”. Vanaf de start van het roeiseizoen roeide de ploeg ineens wél met de top mee. “De vierkamp was al helemaal een prestatie, want daar wonnen we alle afstanden”, bevestigt Wijkel trots.

Sinds die wedstrijd is de boot ongeslagen. Toch zijn volgens Wijkel de roeiers geen moment naast hun schoenen gaan lopen. “Zo’n tussenstand geeft vertrouwen, maar we blijven natuurlijk ook kritisch,” zegt ze. “Zeker omdat het een eerstejaarsploeg is, zijn er altijd nog verbeterpunten.” Dat maakt van die Tilburgse trots geen arrogantie, maar geeft juist ruimte voor vertrouwen.

Spanning
Ondanks dat onderliggende aplomb is er nog genoeg spanning voorafgaand aan een race. Opvallend genoeg gaan de roeisters daar zelf nuchterder mee om dan hun coach. Wijkel geeft toe dat ze pas enkele seconden na de start durft mee te fietsen en naar de boten te kijken. “Ik weet dat die houding absoluut niet nodig is, maar het blijft voor mij te spannend.”

Binnen de ploeg zelf is die spanning minder zichtbaar. “Er wordt vooral veel lol getrapt op de momenten dat dat kan. Vervolgens is het dan in de boot alle focus.” Juist die balans lijkt kenmerkend voor het succes van de vrouwenvier. “De meiden bespreken tussendoor hun weekeinde of maken grapjes, maar als stuurvrouw Veerle Meijs de training weer oppakt, houdt de rest haar mond”, vertelt Wijkel.

Liedjes
De uitgekiende balans tussen concentratie en luchtigheid, typisch voor eerstejaars, typeert deze ploeg. Zo voer de boot in hun laatste race met een voorsprong van ruim zes seconden naar de overwinning, maar tekenender is wat er daarna gebeurt: de spanning valt weg en de ploeg keert meteen terug naar de losse, vertrouwde sfeer van daarvoor.

Als een strakgespannen boog na het loslaten van de pijl waarmee hij zich op zijn doel richt, zo schiet de ploeg van maximale focus naar ontspanning. De slag vertelt over haar weekeindeplannen, terwijl de boeg liedjes begint te zingen.