Nereus wint prestigieuze Temple Challenge Cup

Archief

Het lijkt afgelopen jaren bijna een gewoonte te worden dat een Nederlandse ploeg de Henley Royal Regatta wint. Vorig jaar pakte Mitchel Steenman met zijn zwager Julien Bahain nog de winst in de twee-zonder en in 2013 was Laga al succesvol in de Temple Challenge Cup. Dit jaar werd deze categorie een prooi voor de acht van Nereus. En dat met bijzonder efficiënt roeien waarmee de ploeg ook hoge ogen hadden gegooid bij de hoger aangeslagen Ladies Plate. Alleen in de kwartfinale tegen Oxford Brookes was het spannend, de andere races werden met opvallend gemak gewonnen door het octet van Diederik Simon.

De hoofdcoach mannen van de Amsterdamse vereniging keek dan ook terug op een zeer geslaagde week. Niet alleen won zijn Temple-acht, ook de schaduwvier in de Prince Albert Challenge Cup behaalde een knappe halve finaleplaats. “Laten we hen niet vergeten. Ze deden het dusdanig goed dat ik eigenlijk dacht dat ze ook de finale zouden halen. Maar twee races op één dag en harde wind tegen was net teveel voor ze.” Simon beaamt dat dit vooral een kwestie van leeftijd en ervaring is. Drie van de roeiers uit de vier zijn oud-junioren rond de 20 jaar. Het gaat eveneens op voor een deel van de groep die in de acht zat. Nereus heeft al jaren een sterke aantrekkingskracht op junioren wat er nu voor zorgde dat er maar liefst vijf ex-jeugdroeiers (Rik Rienks, Haye Dijkstra, Michiel Oyen, Jaap Scholten en Freek Robbers) in de prioriteitsboot zaten. Het neemt niet weg dat er ook een aantal talenten uit eigen kweek, waaronder twee derdejaars roeiers (Bo Wullings en Mick Makker, Ian de Wolf completeerde de boot) hun weg hebben gevonden naar de ploeg. “Het was een goede mix van van alles en nog wat. De samenwerking verliep erg goed en we hebben het vooral ook heel erg leuk gehad” aldus Simon.

Toch zag het er dit seizoen lang niet naar uit dat het zo goed zou gaan. Twee maanden terug in Gent werd nog met tien en acht seconden verloren van Oxford Brookes, de ploeg die nu in een zinderende kwartfinale werd verslagen. Achteraf een goed getimede wake-up-call? Simon: “Dat kan je wel zeggen al begonnen we toen pas net. Maar we hebben er vervolgens goed aan getrokken en op het juiste moment hard gevaren.” Het is een understatement want het is een knap staaltje werk in zo’n in korte tijd zoveel progressie te maken. Ook werden er nog drie wisselingen doorgevoerd. Onder andere de door blessures gevelde Daniël Nip en Dominic Meyrick-Cole werden vervangen door jeugdig talent. Iets wat mogelijk ook effect heeft gehad op de ploegdynamiek. Toch was ook de olympisch kampioen uit de Holland Acht uit ’96 verrast over de snelheid in Henley. “We wisten dat Oxford Brookes de te kloppen ploeg was. Die race was dus eigenlijk de finale. De andere potjes hebben ze gewoon lekker kunnen roeien.” Een speciale tactiek voor die race waar de Amsterdammers hem zelf erg hard maakte en hun tegenstander nog goed terugkwam op het eind, had Simon niet. “Wij hebben een hele hoge snelheid maar ze kunnen niet zoals Oxford Brookes nog versnellen. Maar we hebben niet bewust onze tactiek daarop aangepast ofzo. Ze moesten gewoon hard varen.”

De ploeg maakte met hun zegereeks in Henley veel indruk, ook bij de commentatoren van de zeer geslaagde live-stream (die overigens met prachtige beelden via een drone in beeld werden gebracht zodat ook de mensen thuis volop mee konden genieten). Ze meenden dat een deel van deze jongens al dicht bij de nationale equipe aan zaten, maar waren verrast dat Simon dat tegen hen ontkende. “Ja, dat klopt. Ze halen vooral als ploeg een hoog niveau. Natuurlijk, uiteindelijk zullen er wel twee of drie in het nationale team komen, maar nu is het nog niet zover.” Wel is hij ervan overtuigd dat deze ploeg het ook in de hoger aangeslagen Ladies Plate goed zou doen. “Dat gaan we volgend jaar dan ook gewoon doen. Dan kunnen we het opnemen tegen de beste universiteiten uit Amerika.” Het past precies in het denkbeeld van de ervaren coach die het liefst alles zelf doet. Centrale talentontwikkelingsplannen heeft Simon altijd onzin gevonden. Dat kan net zo goed door de clubs gedaan worden is zijn visie. “Je hebt tegenwoordig overal wel een toernooi voor. Universiade, Senioren B WK, noem maar op. Ik ben blij dat we hierheen zijn gegaan. Dit is veel mooier. Daar komt bij dat zeker niet iedereen uit deze groep voldoet aan het profiel van een talent, maar dat maakt in mijn ogen niets uit. Het is leuk dat ze een keer ervaren hoe het is om de held te zijn. Dat adoreren is hier nu eenmaal een stuk meer dan in Nederland. Het is goed dat je af en toe een prijs wint, dat geeft een goeie boost.”

Naast de mooie finaleplek van Lisa Scheenaard in de vrouwen skiff was er ook nog een overwinning van de in San Francisco studerende Nikki van Sprang. Hij won met de Universiteit van California de vier-zonder in de studenten categorie (Visitors’ Cup). “Onze voorbereiding ging niet helemaal zoals gehoopt. We konden vanwege verplichtingen van een aantal van ons voor hun nationaal team niet in de acht starten en een Serviër uit onze boot had problemen om op tijd een visum te krijgen. Dus we konden vorige week helemaal niet trainen.” De overwinning was dan ook enigszins verrassend. “Het was mijn eerste keer op Henley en dan is winnen natuurlijk heel erg gaaf.” De voormalige roeier van Pampus blijft overigens nog zeker twee jaar daar studeren en roeien.