Terwijl in Nederland het middagblok van de Skiffhead vanwege de harde wind en golven werd afgelast, werd er in Londen gewoon geroeid op de Theems. Bij de Head of the River roeiden de Nederlandse internationals Olivier Siegelaar en Boudewijn Röell mee met de acht van Molesey. Zij werden uiteindelijk tweede achter winnaar Leander Club.
De twee werden benaderd voor de acht toen ze in Londen waren voor de fixture tegen Cambridge vorige week. “Hun stuurman liep bij ons naar binnen en vertelde dat ze twee blessures hadden en of iemand uit onze groep wilde meedoen. Ik was meteen enthousiast en Olivier twijfelde aanvankelijk. De rest wilde niet vanwege de slechte ervaring die we net hadden gehad” aldus Röell. Beide roeiers waren niet zoals enkele ploeggenoten in actie gekomen bij de Heineken Roeivierkamp en kregen zodoende clementie van hoofdcoach Mark Emke om naar Engeland af te reizen. Dat laatst was vanwege de stroomstoring van vrijdag overigens nog een hele onderneming.
Molesey had een uitstekende boot met de Engelse toppers James Foad, George Nash en Mo Sbihi. “Daarnaast zaten er nog twee lichte pikken en een onder 23-roeier in de boot” vertelde Röell. Vrijdag en zaterdag trainde de ploeg nog twee keer en zondag werd van te voren ook nog even het water opgegaan. “Het is toch wel een iets andere cultuur dan in Nederland en dat werkt wel verfrissend. We hebben keihard getraind, een mooie wedstrijd gevaren en daarna nog een uurtje met de jongens in de kroeg gezeten voordat we weer naar het vliegveld moesten. Donderdag hebben ze allemaal weer een twee-kilometer-test op de ergometer, maar niemand zeurt en iedereen heeft lol met elkaar.”
Ook van de race heeft de roeier van Asopos de Vliet genoten. “Het was een hele mooie ervaring. Om te beginnen mochten we als eerste van start in een veld van 400 boten. Dat had wel wat.” Op hetzelfde parcours als de Boatrace (4,5 mijl), alleen dan andersom, vertrok de acht uitstekend en lag men lang samen met het achter hen gestarte Leander Club op schema voor een parcoursrecord. “Na de bocht bij Hammersmith Bridge zouden we doorbouwen maar na de bocht kregen we flink tegenwind en Nash raakte een golf en verloor zijn riem, dus toen was het even paniek. Pas na tien halen had hij het opgelost en konden we weer door. De laatste mijl hebben in tempo 38-39 gedaan en roeiden we nog drie-vier lengtes weg. Het is bijzonder om te zien dat ondanks dat iedereen weet dat je niet meer kan winnen, iedereen zich alsnog het schompes roeit.”
Op de finish bedroeg het verschil met Leander uiteindelijk ruim zeventien seconden. Deze boot kende louter internationals (waarvan slechts één lichte) met de ervaren William Satch op slag en verder ook Alex Gregory en Matt Langridge aan boord. Erg veel last van de omstandigheden hadden Röell en Siegelaar dit keer niet. “We harde een flinke meewind en de stroming stond ook mee waardoor je geen rare stuwing krijgt. Hierdoor lukte het dus ook om in recordtijd te racen.”


