Matig begin Nederlanders bij imposant WK

Archief

De eerste dag van de Wereldkampioenschappen roeien liet twee gezichten zien. Een indrukwekkend gebeuren aan de kant met bijzonder veel toeschouwers en redelijk goed weer, maar ook een matige start van het Nederlandse roeien. Alle ploegen op één na (mannen dubbelvier) wisten zich te kwalificeren voor de volgende ronde, maar voor ereplaatsen zal het later deze week zeker beter moeten.

De enige ploeg die vooralsnog echt op koers voor een medaille ligt, is de zware vier-zonder. Al zijn de verschillen tussen de topploegen daar bijzonder klein. De mannen van Mark Emke wisten – weliswaar met enige moeite – hun voorwedstrijd te winnen en hebben zich daarmee een uitstekende uitgangspositie gegeven voor de rest van het toernooi. Toch waren de roeiers zelf niet geheel tevreden. De Britten oogden in een andere voorwedstrijd twee tellen sneller en hoefden zichtbaar niet tot het uiterste te gaan. “Het was het nog niet helemaal. We hadden moeite met de omstandigheden en kwamen achterin niet altijd goed samen los” aldus Mechiel Versluis, die ook aangaf dat het lastig was goed moe te worden met de harde wind mee, die gelukkig voor de organisatie redelijk recht op de wedstrijdbaan stond.

Eerder op de dag leek het erop dat door de voorspelde schuine wind de wedstrijden in time-trials moesten worden verroeid. Ondanks alle voorbereidingen daarop bleek dat gelukkig uiteindelijk niet nodig. Wel werd besloten om in baan 0 tot en met 5 te varen. Halverwege de middag werd baan 0 echter uit de wedstrijd gehaald. Dat was opzienbarend snel, daar dit soort vergaderingen op internationale toernooien vaak moeizaam gaan. “We hadden van verschillende bondscoaches maar ook van onze windexpert gehoord dat er in baan 0 mogelijk een lichte tegenstroming stond. Toen hebben we snel gehandeld” aldus voorzitter van de organisatie Gerritjan Eggenkamp, die verder terug kon kijken op een uitstekende eerste dag van het toernooi. Er waren onverwacht veel toeschouwers en overal klonken lofuitingen over de logistiek en de aankleding.

Rogier Blink was vooral blij dat er met zes ploegen naast elkaar werd geracet. “Bij het oproeien dacht ik nog dat baan 0 wel lekker was, maar tijdens de wedstrijd dacht ik daar alweer anders over. Maar ik ga daar verder niet over klagen want ik ben allang blij dat we gewoon tegen elkaar kunnen racen.” Over hun resultaat, een tweede plek achter subtopper Duitsland, kon de Groninger moeilijk tevreden zijn, al waren hij en coach Titus Weijschedé er niet al te somber over. ,,We hebben een niet al te beste aanloopperiode gehad. Pas vier weken na Luzern (toen de twee wegens ziekte van Blink moest opgeven, red.) was Rogier weer volledig belastbaar. Dan is een eerste race even wennen en over de eerste 1000 meter kan ik niet ontevreden zijn. Normaal gesproken verliezen ze daar meer ten opzichte van de Duitsers” aldus Weijschedé. “Het moet zeker nog beter maar we bekijken het per race” aldus Blink, die na afloop van de race de boot afriggerde en op de auto legde om naar Hilversum te gaan. “Lekker trainen op het moment dat wij het willen.”

Ook skiffeur Roel Braas kon maar matig terugkijken op zijn eerste race. In plaats van de eerste plek waar hij op had gehoopt, moest de Beer uit Breezand genoegen nemen met een derde plaats achter de sterke Azerbeidjani Aleksandar Aleksandrov en de Belg Hannes Obreno. “Ik ben teveel van mezelf uitgegaan. Het ging helemaal niet slecht, mijn snelheid en tempo lagen hoog en mijn tijd is ook niet verkeerd. Ik had alleen niet gedacht dat dat niet voldoende zou zijn” aldus Braas, die zichtbaar wat was aangedaan. Voor een plek in de finale was het voor het lotingssysteem namelijk fijn geweest als hij had gewonnen. Nu weet Braas dat de halve finale waarschijnlijk nog een flinke klus gaat worden.

Met dat lotingssysteem was ook bondscoach vrouwen Josy Verdonkschot bezig. Ook hij weet dat het voor zijn dubbelvier een dubbeltje op zijn kant gaat worden of ze straks de finale halen. In de voorwedstrijd plaatste het kwartet zich in een prima tijd van 6.16.55 met derde plaats voor de halve finale. Maar naast de Verenigde Staten en Canada waren uit de andere heats ook favoriet Duitsland, Nieuw-Zeeland en China sneller. Australië was een tandje langzamer. Veel hangt dus af van hoe de loting voor donderdag zal zijn. Verdonkschot was over het roeien tevreden. “Ik denk dat dit ongeveer is wat ze kunnen. Tijdens de Holland Beker lukte het ze niet onder deze omstandigheden hard te roeien en nu zijn ze daarin wel geslaagd. Dat zie ik zeker als een opsteker. Ik denk dat ze met ander weer nog beter zijn.”

Met het roeien van lichte skiffeuse Marie Anne Frenken waren de bondscoaches duidelijk minder content. Ook Frenken zelf zocht naar een verklaring voor haar mindere derde plaats, ver achter de verrassende Belgische Eveline Peleman. “Ik stond op de een of andere manier na 1000 meter helemaal geparkeerd. Misschien was ik niet scherp genoeg en dacht ik er vooraf te makkelijk over” aldus de Leidse, die zich overigens wel gewoon plaatste voor de halve finale. Startende reserve Lisa Scheenaard liet zich wél van een positieve kant zien. Met een uitstekende tijd van 7.36.69 roeide de roeister van Thêta naar een prima tweede stek en zette daarmee zelfs de zevende tijd neer. De Muda’s kenden een matige start. Ook zij zijn door naar de volgende ronde maar lieten meteen na de race weten dat ‘het gewoon een slechte race was’. Enige ploeg die zal moeten herkansen is de mannen dubbelvier. Zij werden op gepaste afstand van de winnaar vierde. Het snelle weer zorgde ook nog voor een wereldrecord. De Fransen lichte dubbeltwee Stany Delayre en Jeremie Azou verpulverden de tegenstand en roeiden naar een nieuwe toptijd van 6.08.64.

Evenement: 2014 World Rowing Championships
Datum: 24 t/m 31 augustus 2014
Locatie: Bosbaan