Een handvol journalisten zat rond 15:30 in een zaal vol blauwe polo’s ergens op de derde verdieping van vliegveld Schiphol. Vanmiddag vertrok de Nederlandse equipe richting Zuid-Korea, waar de wereldkampioenschappen roeien over ongeveer anderhalve week gaan beginnen. Reden genoeg voor technisch directeur Hessel Evertse om nog eens te onderstrepen waar hij mee bezig is en wat de doelstellingen zijn. Iedereen luisterde daarom bedachtzaam. Iedereen? Nou ja, bijna iedereen. Toen de TD zijn verhaal afstak sloop Diederik Simon alvast weg om zijn koffer in te checken. Sommige dingen veranderen ook nooit.
Evertse weet inmiddels dat hij Simon niet zomaar kan veranderen. De 42-jarige oud-toproeier doet al jaren waar hij zin in heeft. En wegsluipen van officiële bijeenkomsten is een van zijn specialiteiten. Dus accepteerde de technisch directeur de afwezigheid van een van zijn coaches en stak hij de draak met Simon toen die aan het einde van het praatje weer terugkeerde in de zaal, de vermoorde onschuld spelend. Waarom zou Evertse er ook een punt van maken? Het ‘Aegon Nationaal Roeiteam’ is goed gemutst, fungeert daadwerkelijk als team. De roeiers, roeisters en coaches waren zichtbaar opgewekt en leven gezamenlijk, als gemêleerd geheel, naar Chungju toe. De twee bronzen medailles van Luzern voelen als een eeuwigheid geleden en de ploegen willen wel weer eens hard roeien tegen de internationale tegenstand. “Kom maar op”, glimlachte Mechiel Versluis, daarmee de houding van de equipe verwoordend.
“In 2009 wonnen we twee keer brons”, vertelde Evertse toen hij de vooruitzichten op het WK toelicht. Hij noemde het toernooi in Zuid-Korea noch een beginpunt, noch een eindpunt. Het is volgens de technisch directeur een langer traject richting 2020, maar in de tussentijd moet het Nederlandse roeien niet stilstaan en ook zeker niet prestatieloos blijven. “In 2010 en 2011 wonnen we geen medailles [in olympische bootklassen]. In 2012 wonnen we één keer brons. In 2013 zou het mooi zijn als we beter scoren dan twee keer brons. Dat kan zijn één keer zilver en één keer brons. Dat kan ook zijn één keer goud.”
De ploegen die primair voor die medailles moeten zorgen zijn volgens Evertse de Holland Acht, de Holland Vier en de lichte mannen vier-zonder – een “logische optelsom van 2012”. Acht andere ploegen moeten de top vijf kunnen halen. Alleen de mannen dubbelvier en de vrouwen acht zijn min of meer wildcards. Boten waar Evertse, en met hem de KNRB, wel heil in zien in het kader van development, maar die dit WK naar alle waarschijnlijkheid nog geen prestaties gaan leveren. “Van de mannen dubbelvier heb ik genoten, daar zie ik licht aan het einde van de tunnel”, vindt Evertse. “De vrouwen acht zit in de hoek waar de klappen vallen. Qua coaching en qua sporters is daar veel weggevallen.”
Hoewel de door Evertse gepresenteerde lijst met verwachtingen transparantie biedt, is een persmeeting vlak voor vertrek misschien niet de ideale plek om roeiers en roeisters out of the blue in te lichten over hun rol. De ploegen zelf waren zich namelijk nog niet bewust van hun plek in de hiërarchie van de TD. Hoewel de meesten verwonderd opkeken bij het horen van de vooruitblik van Evertse, maakte het merendeel zich gelukkig niet zo druk over de verwachtingen. Roel Braas, die in een komisch filmpje van de KNRB benadrukte dat hij brons wilde winnen in Chungju, haalde er zijn schouders over op. “Het maakt me niet zoveel uit wat Hessel zegt”, stelde de broodnuchtere skiffeur. “Ik roei gewoon voor mezelf.”
Het antwoord van Braas tekent de relaxte houding van de equipe. Korea is een mooi avontuur. Met Nico Rienks als reisgids – de tweevoudig olympisch kampioen had in 1988 drie weken een trainingskamp in Chungju en vertelde honderduit over zijn ervaringen in Azië – gaat de 52-koppige roeiploeg op stap. Met recht een gigaploeg voor een WK. Maar wel een team met kans op succes – al kan men ook zomaar zonder eremetaal huiswaarts keren. De Holland Acht, de Holland Vier, de vrouwen dubbelvier, de lichte mannen vier-zonder, de Muda’s in hun dubbeltwee, skiffeur Roel Braas zijn evenwel stuk voor stuk ploegen die niet zouden misstaan in een A-finale, met alle kansen vandien. En dus vertrok de zee van blauwe polo’s, technisch directeur Hessel Evertse incluis, met een grote glimlach richting de paspoortcontrole. Met gesponsorde ijsvesten, speciale riggers, nieuwe petjes en een jaarvoorraad grassap voor de Holland Acht. Op naar Zuid-Korea, waar de verwachtingen van individuen, ploegen en die van de technisch directeur hopelijk samensmelten.
De equipe voor WK in 2013 is hier terug te vinden.




