Een keihard adagium in de topsport luidt: kampioen worden betekent je slechte wedstrijden winnen. De wereldbeker roeien is net de eredivisie voetballen. Oranjes vlaggenschip vier-zonder roeide op de openingsdag van de eerste World Cup op onze Bosbaan een slechte voorwedstrijd. Het leek, dixit Matthijs Vellenga, na een desastreuze start tot de 1500 meter nergens op. Toch ging het kwartet Geert Cirkel, Matthijs Vellenga, Jan Willem Gabriels, Gijs Vermeulen als eerste door de finish van de heat. Halve finale in de knip. Op naar het goud.
De vier heeft op eigen oppervlaktewater de titel namelijk voor het inkoppen. Jurgen Grobler, sinds jaar en dag de Oost-Duitse coach van de Britse toproeiers, heeft zijn vier-zonder in de acht geposteerd. Om ze fris te houden na een reeks van bijna dertig internationale races zonder nederlaag, luidde de smoes. Deze verrassende move was al een tiental dagen bekend in het Nederlandse kamp. Pal voor aanvang van de World Cup in Amsterdam kwam daar de terugtrekking van de Duitse vier-zonder bij, wegens ziekte van één bemanningslid.
Met de grootste concurrentie buiten het toernooi kreeg het kwartet van coach Mark Emke het goud voor het inkoppen. Maar de ploeg met veel zilver in de kast moet het wel nog doen, en dat kan in de halve en hele finale alleen als het een stuk beter gaat dan in de voorwedstrijd.
Team Emke kreeg nóg een stoot onder de gordel, want de hervormde acht (drie plaatsen gewijzigd vergeleken met de eerste World Cup in Linz) kreeg in de voorwedstrijd slaag van Polen, Groot-Brittannië (met de WK-4), Wit-Rusland en Australië. David Kuiper, Diederik Simon, Daniel Mensch, Peter Vos, Simon Glazenborg, Roel Haen, Gerritjan Eggenkamp, Mitchel Steenman en stuurman Niels van den Bovenkamp wisten in de serie alleen de bepaald niet gereputeerde acht van Nieuw-Zeeland achter zich te houden. Verschil met de winnende Polen bedroeg 11 seconden Veel werk te doen voor de herkansing.
De vrouwenacht daarentegen had een soort row over naar de finale toe. Sarah Siegelaar, Jacobine Veenhoven, Marlies Smulders, Hurnet Dekkers, Femke Dekker, Roline Repelaer van Driel, Annemarieke van Rumpt, Annemiek de Haan met Ester Workel aan het stuur roeide zowat vier lengten voor het veld uit van start naar finish.
Sjoerd Hamburger plaatste zich goed voor de halve finale, waar Dirk Lippits het niet haalde. De lichte pikken onder de skiffeurs haalden het beiden wel: Jaap Schouten rechtstreeks, Tim Heijbrock via de herkansingen. Marit van Eupen was in de series skiff licht lichtgewicht een klasse apart. Vanzelfsprekend zou je zeggen.
Beroering ontstond er op de Bosbaan, waar de omstandigheden op de eerste dag tegen de weersverwachting in, over het geheel genomen goed waren, over de licht vier-zonders. Bondscoach Susannah Chayes stuurde drie boten het water op. Boot 2, met Alwin Snijders. Arnoud Greidanus, Roeland Lievens en Paul Drewes, was in de voorwedstrijd het snelst en kwalificeerde zich rechtstreeks voor de halve finale. Boot 1 met Ivo Snijders, Wolter Blankert, Amerikaan Marshall Godschalk en Gerard van der Linden was weliswaar maar 0,79 seconden minder snel en moest een herkansing varen om de halve eindstrijd te bereiken. Dat lukte. Evenals de Onder-23-boot van Tycho Muda, Vincent Muda, Joris Pijs en Joeri Bruschinski. Chayes was bij alles in haar nopjes. Dit toont aan dat we een brede selectie hebben en nog meer mogelijkheden om een nóg snellere boot samen te stellen.






