Het was nog even de vraag of het toernooi wel plaats zou gaan vinden, maar uiteindelijk konden de roeiwedstrijden van de South East Asian Games alsnog doorgaan. Met succes voor de Diederik de Boorder, die als coach van thuisland Indonesië voor de bitse taak stond om het land in de bovenste regionen van het medailleklassement te laten finishen. Dat is gelukt. Het doel van drie gouden medailles werd gehaald, en als bonus was er voor Indonesië ook nog een zilveren en een bronzen medaille. “De job zit erop, mission accomplished”, lacht een glunderende De Boorder vanaf zijn vakantiebestemming Bali. Hij gaat verder te zeggen dat hij bij terugkomst in Nederland weer in dienst zal treden van de Koninklijke Nederlandse Roeibond Roeibond. “Mijn eerste werkdag voor de KNRB is 1 december. De taakverdeling en de verantwoordelijkheden worden in december bepaald, maar ik word samen met Jeroen Spaans bondscoach talenten – voor zowel de junioren als de roeiers onder 23 jaar.”
Voorafgaand aan zijn vertrek voorzag De Boorder al dat het een avontuur zou worden in Indonesië. In het buitenland coachen werkt nu eenmaal anders dan in Nederland, zeker als je in landen neerstrijkt waar de roeisport nog vol in ontwikkeling is. Dat was tijdens zijn periode in China al het geval, maar Indonesië bleek in vijf jaar weinig te zijn veranderd. Dat de South East Asian Games echter zo rommelig zouden verlopen had De Boorder waarschijnlijk niet kunnen voorzien. Een roeibaan die een aantal dagen voor het toernooi door de zware moessonregens nog verre van af was, plus in geen velden of wegen te bekennen kamprechtersbootjes en wedstrijdmateriaal. Gelukkig kwam er aan deze boze droom een mooi einde door de vijf behaalde medailles, en liep het jongste avontuur van de familie De Boorder goed af.
Bovendien waren er naast de lasten ook genoeg lusten in Indonesië. In oktober reisde een groep junioren van Willem 3 bijvoorbeeld onder begeleiding Paul Hartog, Ewoud de Boer (twee coaches van de Amsterdamse vereniging), de huidige bondscoaches Reinier Eggink en Rob Robbers plus diens vrouw Jos Kompaan naar Java om daar te trainen onder auspiciën van De Boorder. In de zomer waren op diezelfde manier al Indonesische roeiers naar Amsterdam gekomen om te proeven van de Nederlandse gastvrijheid en coachkennis. “Die junioren hier was echt superleuk”, zegt de altijd enthousiaste Boorder. “We hebben eerst in de bergen getraind, op 1.500 meter hoogte, en daarna op ons meer in Jatilihur. Het was heerlijk om weer met Paul, Rob en Reinier in een bootje te zitten.”
Als De Boorder vanaf 1 december weer aan de slag gaat voor de KNRB zal roeiend Nederland weer veel van hem gaan zien. Samet met de huidige bondscoach voor development, Jeroen Spaans, wordt hij verantwoordelijk voor de goede doorstroom van junioren en SB-roeiers naar de top. Anders dan de situatie voor zijn vertrek naar Indonesië is er meer overlap tussen de functies van De Boorder en Spaans. Voor eerstgenoemde is het baantje als development bondscoach evenwel niet helemaal nieuw. De Boorder keert min of meer terug bij een concept dat hij twaalf jaar geleden opstartte. Ook nu zijn er in Nederland talentidentificatieprojecten; anno 2011 heten de samenwerkingsprojecten tussen de verenigingen niet langer T.I.P.-Noord of -Zuid, maar regionale talentcentra. Toen richtte De Boorder zich op talentvolle tweede- en ouderejaars. Nu zal hij niet alleen junioren en roeiers onder 23 jaar begeleiden, maar ook het zwarte gat tussen deze twee groepen in moeten vullen. Het zou mooi zijn als dit nieuwe avontuur van De Boorder net als Indonesië de gewenste resultaten oplevert: een brede basis voor de absolute top.



