Wie dacht dat met de Wereldkampioenschappen roeien op de Bosbaan het seizoen echt ten einde was, heeft het mis. Want afgelopen weekend roeiden in het Franse Gravelines studenten uit de hele wereld tegen elkaar om de titel van beste studentenroeiers. Nederland speelde helaas een kleine rol. Slechts een bronzen medaille voor de mannen dubbeltwee met Robert Vicic en Sjoerd Dijkstra was de oogst.
Deze prestatie was desalniettemin uitstekend. Zowel Vicic (Nereus) als Dijkstra (Vidar) gaan al enige jaren mee en schurkten dit jaar al tegen de nationale equipe aan. Zeker voor Dijkstra was het een flinke teleurstelling dat hij na het NK niet werd opgeroepen voor de selectie voor de dubbelvier. Vicic liet met name tijdens de Holland Beker van zich spreken met snelle tijden. Het siert beide mannen dat ze – terwijl iedereen op de Bosbaan de Nederlandse equipe aan het aanmoedigen was bij het WK – keihard doortrainden en een prima resultaat neerzetten. Hopelijk is dit voor hen een opmaat naar meer en lonkt alsnog toetreding tot de nationale equipe, al zal die grens vanaf nu vermoedelijk wel wat hoger liggen.
De rest van de equipe kon helaas niet met eremetaal thuis komen. De meeste boten eindigden achter in de finale, al kwam de mannen acht met een vierde stek nog dicht bij het podium en deed ook de lichte mannen vier-zonder (vijfde) lang mee om de knikkers. De meeste projecten, zoals ook de vrouwen vier-zonder die teleurstelde met een zesde plaats, kwamen mede tot stand door initiatief van de Regionale Talent Centra (RTC’s). Het is goed te zien dat er op deze manier in de breedte veel mensen ontwikkeld worden, want naast alle ploegen van de nationale equipe en die van het WK onder 23 jaar, is het bijzonder dat zoveel mensen op een hoog niveau kunnen presteren. In de breedte lijkt het dus behoorlijk goed te gaan met het Nederlandse (studenten)roeien. Alle lof dus ook voor iedereen die zich hier – vaak belangeloos – voor inzet.
Enige kritisch noot is wel dat de prestaties ten opzichte van eerdere jaren – toen er meer centraal werd aangestuurd door de bond – tegenvallen. Nederland kwam de laatste jaren steevast terug met meerdere medailles. Het roept de vraag op of er vanuit de roeibond wellicht te weinig wordt gedaan voor deze roeiers of dat we niet juist teveel ploegen willen uitzenden? Nederland is misschien wel een te klein (roei)land voor zowel een sterke U23-acht als een goeie FISU-acht en kan je dan niet beter – analoog aan de discussie over het toproeien – focussen op één beste boot? Een interessante discussie waar NLroei nog dieper in zal duiken, want zoals het er nu lijkt voor te staan, wordt de rol van de RTC’s eerder weer kleiner gemaakt dan groter. Over de precieze toedracht omtrent dit onderwerp later dus meer.



