In het roei-alfabet stond de letter ‘H’ op donderdag voor herkansing. De Nederlandse senioren B-roeiers werden namelijk, op een aantal uitzonderingen na, allemaal doorverwezen naar de herkansingen. Alleen de lichte dames dubbeltwee (Lieve Leijssen) en de lichte skiffeurs Annick Taselaar en Frans Goutier kwamen ongeschonden door de voorwedstrijd heen. De lichte dubbelvier met Timo van Wittmarschen, Bastiaan Vervoort, Tim Weerkamp en Ide Hingstman visten woensdag al achter een directe halve finaleplaats maar roeiden in hun herkansing van donderdag naar winst. Wat dat betreft was het lichte roeien op de tweede dag van het toernooi het meest succesvol van de hele equipe.
Het niveau tijdens de eerste volledige wedstrijddag was vrij hoog. Dat was ook direct de reden dat niet alle Nederlandse ploegen mee konden komen. Vooral Duitsland, traditioneel een land dat het goed doet op het WK onder 23, liet zien over een flinke sloot nieuwe talenten te beschikken. Met name de race in de dames dubbelvier open klasse was indrukwekkend om te zien. Zonder ogenschijnlijke moeite roeiden de Duitse dames naar de eerste plek. Ook de Fransman Jeremie Azou was in de lichte skiff een klasse apart. Dit soort roeiers zijn het niveau van het WK onder 23 stiekem al een beetje ontgroeid, terwijl het merendeel van de roeiers hier nog onder de noemer ‘talenten’ vallen.
Dat leek ook een beetje geval bij de lichte dames dubbeltwee van Nederland. Lieve Leijssen en Lisa Wörner hadden niet de snelste start, maar schoven in het tweede deel van de race geleidelijk aan naar voren. “We waren erg tevreden met onze wedstrijd”, liet Lieve Leijssen na de race weten. “We weten alleen wel dat er nog een schepje bovenop moet willen we in de halve finale meedoen.” In de laatste 250 meter leek het er evenwel op alsof de twee roeisters van het Amsterdamse Nereus nog niet al te diep in hun reserves aan het tasten waren. Het feit dat ze daarmee afrekenden met de winnaressen van het zilver vorig jaar, Nieuw-Zeeland, is een prima vooruitzicht voor dat wat komen gaat. Bovendien betekende de plek in de halve finale een dag extra vrij en één dag minder inwegen.
Voor het merendeel van de Nederlandse equipe is die luxe er niet. Herkansingen zijn een noodzakelijk kwaad om door te stoten naar de volgende ronde in het toernooi, en in sommige gevallen is er zelfs het risico dat de herkansing het einde betekent van het WK onder 23. Niet voor elk veld zijn er B- of C-finales, dus het is zomaar mogelijk dat vrijdag ook daadwerkelijk einde toernooi betekent.



