Juergen Steinacker is zonder twijfel de meest drukbezette persoon deze wereldbekerwedstrijd in Luzern. Als hoofd van de medische controlecommissie heeft de beste man tientallen verklaringen moeten tekenen voor zieke roeiers. “Ik weet niet wat het is”, zegt Rachel Quarell, beheerder van Rowing Service en een World Cup-veteraan, “maar het is wel vaak in Luzern dat roeiers ziek worden. Of het een met het andere verband houdt is natuurlijk een tweede.” De afgelopen dagen viel het met de terugtrekkingen nog wel mee; het aantal was wel hoger dan normaal, maar vier op een dag is nog te overzien. Op de laatste racedag, zondag 12 juli, stromen de mededelingen echter binnen. Om tien uur ‘s ochtends staat de teller van het aantal uitgedeelde communiqués al op veertien. De ziektegevallen lijken zich ook niet te hebben gecentreerd rond één équipe. De Amerikanen, Zwitsers, Duitsers, Belgen en Britten hebben zieken onder de gelederen. Voor Engeland moest zelfs dubbeltwee-roeier Stephen Rowbotham, ondanks zijn finaleplaats, afzeggen voor de race van vanmiddag.
De Nederlanders ogen echter fit, ondanks de neerdruppelende regen. In hun B-finale leek het wel alsof Maaike Head en Rianne Sigmond de teleurstelling van gisteren nog niet helemaal te boven waren. De Nederlandse dames kwamen weliswaar goed mee met de rest van het veld, maar misten net dat beetje extra om hoger in de rangschikking te eindigen; een vijfde plaats was derhalve hun deel. Elfde overall is gezien de halve finale van gisteren een ondankbare positie aan het einde van het toernooi.
“Het tweede deel van de race ging wel ok”, reageerde Maaike Head achteraf. “Het was alleen jammer dat we de eerste 1000 meter wat ongelijk waren. Daardoor waren de meisjes die we gisteren nog hadden gepakt er al vandoor.” De roeister van Skadi beloofde desalniettemin met een glimlach terug te kijken op haar eerste avontuur op de Rotsee. “Vanavond maken we er hoe dan ook een feestje van.”
De lichte mannen vier-zonder revancheerde zich even later voor het missen van de A-finale. Boegroeier Roeland Lievens toonde zich gisteren ondanks alles optimistisch. “We hebben niet het vermogen om onze gebrekkige techniek te kunnen maskeren. Dan kunnen we in zo’n eindsprint [waar de ploeg geen kwalificerende plaats kon afdwingen, red.] nog te weinig betekenen. Er zit echter nog genoeg potentie in.” De roeier van Proteus had het nieuws van het ongeluk in Tsjechië al voor zijn race gehoord en gaf toe aangeslagen te zijn geweest. Bewonderenswaardig is het daarom misschien wel dat de vier met Lievens, Tycho Muda, Vincent Muda en Tim Heijbrock vandaag na een wat mindere start opklom naar de winnende positie. Met vier honderdsten van een seconde verschil versloeg het kwartet de op de Holland Beker nog sneller zijnde Japanners: 6:14.65 om 6:14.69. En passant gaf het viertal ook de Poolse lichte vier, in Beijing nog goed voor de zilveren medaille, het nakijken. Wat restte was één punt in het wereldbekerklassement en, indien technisch directeur Koen van Nol tevreden is, een uitzending naar het WK. Eerst varen de broertjes Muda echter nog het WK onder 23 in de twee-zonder, in het Tsjechische Racice.
Dat Nieuw-Zeeland een dominante factor is in de roeiwereld mag inmiddels geen verrassing meer heten. Waar de Britten nog oppermachtig waren in Banyoles (WB I) kleuren de overwinningspodia sinds München louter zwart. De onverslaanbaar geachte Britse twee – Hodge en Reed gaven na de eerste wereldbeker aan het wereldrecord van Pinsent en Cracknell (6:14) aan te willen vallen – werd ogenschijnlijk kinderlijk eenvoudig aan de kant gezet door het Nieuw-Zeelandse duo Murray en Bond. In Henley waren de twee Kiwi’s al de winnaars, en ook in Luzern werd de race zegevierend afgesloten. “I’ve never seen them row better”, zei Jonny Searle, die zijn voorliefde voor de Britse twee toch moest temperen bij het zien van de twee-zonder finale.
Ook in de medaillerace van de lichte mannen dubbeltwee, waar Jaap Schouten en Paul Drewes aan meededen, was het Nieuw-Zeeland wat de klok sloeg. Storm Uru en Peter Taylor, vorig jaar ook al actief op de Olympische Spelen, domineerde de race van kop tot staart. Schouten en Drewes konden nauwelijks met het geweld meekomen. Een goede push na de 1000 meter bracht het duo weer terug bij het veld, maar de achterstand op de nummers 1,2 en 3 was inmiddels al opgelopen tot ruim zeven seconden. Schouten en Drewes kwamen uiteindelijk in zesde positie over de finish in een tijd van 6:32.00.
“Het was een goede race”, concludeerde Schouten achteraf. “Er zaten gewoon echt goede stukken tussen.” Drewes viel zijn ploeggenoot bij. “Kijk: je weet dat je niet in één keer wereldkampioen kan worden in zo’n veld. Het is voor ons gewoon zaak om zo goed mogelijk te presteren, die A-finale te halen in Poznan.” De roeiers van Njord en Gyas kunnen terugkijken op een zeer degelijk toernooi. De winnaars van het goud in Luzern, de Nieuw-Zeelanders Peter Taylor en Storm Uru, kwamen zelfs nog even langs om bij te praten. “Good racing”, zei Taylor tegen Schouten. “You guys are really improving.” Uru, die Schouten twee jaar geleden nog de loef stak in de skiff in Luzern, vroeg de roeier van Njord quasi-plagerig of het nou anders was dan skiffen. “Uiteraard”, antwoordde Schouten ad-rem, “je zit met twee in de boot in plaats van één.”
Uitslagen Nederlanders zondag 12 juli
FB LW2x
Maaike Head/Rianne Sigmond: vijfde in 7:27.15
(1. USA in 7:22.70, 2. AUT in 7:24.35, 3. SWE1 in 7:25.49, 4. HUN in 7:25.65, 6. SUI in 7:29.20)
FB LM4-
Roeland Lievens/Tim Heijbrock/Vincent Muda/Tycho Muda: eerste in 6:14.65
(2. JPN in 6:14.69, 3. POL in 6:15.18, 4. SUI in 6:19.11, 5. BEL in 6:21.44, 6. NZL in 6:22.97)
FA LM2x
Jaap Schouten/Paul Drewes: zesde in 6:32.00
(1. NZL (Uru/Taylor) in 6:22.71, 2. CAN (Vandor/Sylvester) in 6:25.54, 3. FRA (Dufour/Azou) in 6:26.62, 4. ITA (Miani/Luini) in 6:28.76, 5. GBR (Mattick/Williams) in 6:31.23)



