In de halve finales en herkansingen van vanmiddag deed Nederland het gedachtengoed van Michael Jackson eer aan. In een serie ‘thrillers’ stoomden de oranje boten op de finish af. De halve finales van de LW2x, de LM2x en de LM4- waren ongekend spannend, alsook de herkansingsrace van de Holland Acht. Het legioen supporters probeerden met man en macht de Nederlandse ploegen naar de kwalificerende plekken te schreeuwen. Dat lukte alleen voor het duo Schouten en Drewes, dat als derde eindigde, en de mannen van David McGowan, die hun herkansingsrace van start tot finish leidden. Maaike Head en Rianne Sigmond lieten ondanks hun vierde stek een indrukwekkende race zien, en ook de lichte vier-zonder was erg in de buurt van een felbegeerde finaleplaats op de Rotsee.
De lichte Skadi-dames voeren een gedurfde strategie. Van de kanshebbende boten in de finale waren zowel coach Notermans als zijn roeisters ervan overtuigd dat alleen de Polen te pakken waren. De Engelse en Belgische dubbeltwee, afgelopen twee wereldbekers al goed voor finaleplaatsen en medailles, waren in hun analyse nog een stapje te ver. Dat die inschatting juist was bleek al na de eerste starthalen. De Nederlandse lichte dubbel koos brutaal voor de aanval en ging met de Engelse en Belgische concurrentes mee. De Poolse dames lagen door die strategie lang op de ondankbare vierde plek. In de eindsprint konden Sigmond en Head echter niet mee met het steeds hoger wordende tempo en kwamen de Poolse dames Kemnic en Renc langszij. Gedesillusioneerd dreef het Nederlandse duo vervolgens in hun witte Filippi over de finish.
“Ik ging er op een gegeven moment echt in geloven”, verzuchtte Head na de race aan het nog niet in gebruik zijnde erevlot. “Het ging ook zo goed. Af en toe was ik echt verbaasd over de halen die we weg aan het leggen waren.” Beide dames konden de tranen nauwelijks bedwingen, maar wisten hun prestatie al wel snel relativeren. Head: “Vooraf had ik hier nauwelijks op kunnen hopen. Ik bedoel: ik ben aan het scullen vanaf het najaar, en dan mis ik hier net de finale van Luzern.” Sigmond, die vlak na de finish achterover sloeg in de boot van vermoeidheid, gaf voor de microfoons van de NOS en roei.tv aan dat ze hadden geweten dat de Polen zouden komen in het laatste deel van de race. “We konden alleen niet meer, we hebben echt alles gegeven. Het was zo zwaar.”
Terwijl de lichte dames nog uit lagen te puffen aan het erevlot kwamen hun mannelijke evenknieën langs denderen. Jaap Schouten en Paul Drewes wisten met een fabuleuze eindsprint boven zichzelf uit te stijgen en klommen in de laatste vijfhonderd meter van een vijfde naar een derde plaats. Het verschil met de Duitsers Hochbruck en Hartig, in de voorwedstrijd nog sneller, was drie tienden van een seconde. Drewes sloeg na de race met zijn hand op het water. Boosheid of blijdschap? “Ik wist het niet zeker”, antwoordde de roeier van Gyas. “Dat we er dichtbij waren stond wel vast. Het is wel verschrikkelijk mooi dat het is gelukt.” Schouten had op slag moeite met het onderdrukken van een grote glimlach terwijl hij de pers te woord stond. De prestatie van de lichte mannen mag er dan ook zijn: in een onderling duel met onder meer de Fransen (Dufour en Azou, winnaars van de Mediterranean Games), de Engelsen (Williams en Mattick, vierde in München) en voormalig Olympisch kampioen Robert Sycz in de Poolse dubbel kwamen de Nederlanders bij de top bovendrijven. Schouten en Drewes mogen zich met deze resultatenlijst nu wellicht met recht de opvolgers noemen van het duo Aardewijn/van der Linden. Het zou hoe dan ook mooi zijn als de Nederlanders morgen mee weten te strijden om de medailles – en het is al helemaal geweldig als ze op het podium eindigen.
De nieuwe vier-zonder van John Faulkner – met aan boord van slag naar boeg Roeland Lievens, Tim Heijbrock, Vincent Muda en Tycho Muda – voer in hun halve finale een even knappe race. De Proteus/WillemIII/Skøll-combinatie kwam als tweede uit de start in een loodzwaar veld. Met zowel de Denen, winnaars van het goud in Banyoles én München, als de Duitsers (winnaars van het zilver op diezelfde ontmoetingen) mag dat knap heten. In de middelste kilometer moesten de lichte roeiers echter wat posities prijsgeven, maar dat maakte de finale niet minder spannend. Vier boten stoven vrijwel op gelijke hoogte op de finish af, waarbij de Tsjechen uiteindelijk één honderdste van een seconde voor de Denen als eerste eindigden. De Nederlanders kwamen in het eindsprintgeweld niet tot hun beste roeien en finishten als vierde in 6:14.34, twee seconden achter de Duitse vier. Zwitserland en België completeerden de halve finale.
De Holland Acht gaf in hun race vanaf begin tot eind vol gas, in tegenstelling tot gisteren. Een vierde plaats had volstaan in het veld, maar onder leiding van Diederik Simon maakten de acht roeiers en stuurman Peter Wiersum een lange neus naar de concurrentie. Polen, Groot-Brittannië en Italië eindigden op de respectievelijk tweede, derde en vierde stek. Opvallend genoeg scoorde het land dat achten tot een kunst verheven heeft, Amerika, een onvoldoende. Het moet de Amerika-gangers in de Holland Acht goed doen.
De vrouwen acht vaart morgen direct finale. NLroei interviewde Nienke Groen en Jacobine Veenhoven:
Resultaten Nederlanders halve finales/herkansingen
SF1 LW2x (1,2,3 naar FA, rest naar FB)
Maaike Head/Rianne Sigmond: vierde in 7:24.22
(1. GBR in 7:16.13, 2. BEL in 7:16.80, 3. POL in 7:20.86)
SF2 LM2x (1,2,3 naar FA, rest naar FB)
Jaap Schouten/Paul Drewes: derde in 6:32.52
(1. FRA in 6:31.50, 2. GBR in 7:31.57, 4. GER1 in 6:32.83)
SF1 LM4- (1,2,3 naar FA, rest naar FB)
Roeland Lievens/Tim Heijbrock/Vincent Muda/Tycho Muda: vierde in 6:14.34
(1. CZE in 6:11.77, 2. DEN in 6:11.78, 3. GER in 6:12.77)
REP M8+ (1-4 naar FA)
DIederik Simon/Olaf van Andel/Mitchel Steenman/Olivier Siegelaar/Jozef Klaassen/David Kuiper/Robert Lücken/Meindert Klem/st. Peter Wiersum: eerste in 5:43.53
(2. POL in 5:44.38, 3. GBR in 5:44.76, 4. ITA in 5:45.35)





