Aegir BOWA huisvervoerder Stampli Express

Archief

[1 april] De vervoersafdeling van de Groningse Studenten Roeivereniging Aegir is succesvol op zoek gegaan naar meer werk voor hun vrachtwagencombinatie. Veel roeiverenigingen ontvingen in februari een brief waarin de botenwagen uit Groningen diensten aanbood. Uit geheel onverwachte hoek reageerde Stämpfli. Voor jubilerende verenigingen en bedrijfsuitjes werd de 24-persoonsroeiboot uit Zwitserland verleden jaar 28 maal verhuurd. De werf moest een vrijwel gelijk aantal gelegenheden afslaan door vervoersproblemen of dubbele data. De Zwitserse botenbouwer ontving opmerkelijk veel aanvragen uit minder grote roeilanden als Zweden en Noorwegen. Om dit vervoer te kunnen verzorgen, moesten de Groningers uitbreiden.

Stämpfli kwam via roeivereniging Rijnland in contact met Aegir. Men liet er geen gras over groeien. Niet in Zwitserland, maar ook niet in Groningen. Stämpfli heeft begin maart een meerjarig contract gesloten met Aegirs BOWA’s om het vervoer vanuit Groningen te laten plaatsvinden. De Zwitsers bouwden in de winter de Stämpfli Express II. Aegir bestelde een nieuwe oplegger die beide schepen ongedeeld kan vervoeren. Wederom werd Broshuis in Kampen verkozen tot de leverancier van de oplegger. Gisteren is Aegir met de nieuwe oplegger en een aantal vervoersvergunningen vanuit Kampen naar Zürich vertrokken. Uit de speakers klonk deze BOWA’s song.

De trekker-oplegger zal dit jaar bijna fulltime op pad zijn. Maar daardoor komt het eigen vervoer naar en van de wedstrijden soms in de knel. Aegir besloot geen extra trekkende eenheid aan te schaffen maar een vrachtwagen te huren in drukke tijden. “Via [Mercedes bedrijfswagen dealer] Van Dienst kunnen we altijd aan een extra wagen komen, maar we zijn weer in gesprek met ESA om weer naar ons oude merk DAF over te stappen”, zei Jolien Gooiker voorzitter van Aegir’s BOWA’s. En als het contract met Stämpfli na drie jaar niet wordt verlengd? “Dan bouwt Broshuis de oplegger om. Daarover hebben we van te voren afspraken gemaakt. De eerste drie delen van de trailer kunnen dan worden opgenomen in opleggers die voor het vervoer van windmolens worden gebruikt, en het laatste deel vormt dan een heel courante oplegger voor zwaar transport.”