De Koninklijke Nederlandsche Roei Bond heeft woensdag de zeven voor Sydney gekwalificeerde roeiploegen officieel voorgedragen bij NOC*NSF voor definitieve kwalificatie nadat in Duisburg en München door alle ploegen vormbehoud is getoond. Bovendien wil de KNRB nog drie boten in het Olympisch kwalificatietoernooi in Luzern zien varen.
De laatste kans is voor de skiff mannen, de twee-zonder-stuurvrouw en de vier-zonder-stuurman. De finale schifting is van 10-12 juli in Luzern, aan de vooravond van de Rotsee Regatta.
De verwachting is dat de skiff en de twee-zonder geen probleem zijn voor goedkoering door de Team de Mission van het NOC*NSF. Gerard Egelmeers [achtste] en Marloes Bolman/Femke Dekker [zesde] voldeden vorige week bij de wereldbeker te München aan de olympische norm: behorend bij de beste acht.
De vier-zonder-stuurman [Gijs Kind, Derk Fontein, Jos Klinge en Stefan van Dongen] haalde die norm net niet: negende. Twee landen hadden echter twee vieren in de uitslag voor Oranje. In Sydney mag slechts een boot per land per klasse varen. De Commissie Top Roeien van de KNRB bepleitte de afvaardiging met een aantal argumenten. De vier roeien pas kort met elkaar. Als ze door de kwalificatie komen zijn ze heel goed want dan hebben ze onder meer Slovenië en Verenigde Staten verslagen. Bovendien heeft de olympische roeivloot reserves nodig in het toernooi. Nederland mag namelijk slechts drie reserves meenemen die toegang krijgen tot de roeibaan.
Drie reserves is weinig voor verschillende typen [scullers, boordroeiers], geslachten [mannen, vrouwen] en gewichtsklassen [open, lichtgewicht]. De ploegen die door het kwalificatietoernooi komen, moeten hun eigen kansen opofferen als ze voor de nodig zijn voor de formaties met medaillekansen.
De zeven reeds geplaatste ploegen zijn: mannen: acht, dubbelvier, vier-zonder lichtgewicht, dubbeltwee licht; vrouwen: acht, dubbeltwee open klasse en dubbeltwee lichtgewicht.
Link: Sportdreams artikel




