Een banaan, een slobberige sportbroek en een wedstrijd
Het blijft een wonderlijk schouwspel, de Asopos Najaarswedstrijden. Kersverse afroeiers en -roeisters die in alle soorten en maten de Bosbaan overspoelen op een koude oktoberdag. Met een banaan in de rugzak, een slobberige sportbroek om de bleke benen en een onbestembaar t-shirt als roeikleding. Je zou er bijna medelijden mee krijgen. In negen van de tien gevallen hebben ze geen idee wat ze te wachten staat; hoe ze tussen de kluwen met leeftijdsgenoten hun weg moeten vinden en hoe ze zich in de hordes met voorwedstrijden staande moeten houden. En dus is het 500 meter rammen geblazen. Spektakel gegarandeerd. Toch?
De Najaarswedstrijden van Asopos de Vliet zijn voor veel studentenverenigingen een tussenstation op weg naar definitieve selectie. Of het nu gaat om het grof scheiden van het kaf en het koren, of het verder uitdunnen van een beoogde wedstrijdselectie: de meeste eerstejaars coachkaders grijpen 500 meter sprinten in een C4+ aan als een mooi moment om eens goed te kijken hoe het er voor staat. Hoe de pupillen zich gedragen tijdens zo’n eerste wedstrijd in het vreemde buitenland. En de eerstejaars kunnen op hun beurt hun ogen uitkijken. Een dag lang rondhangen in het kloppende hart van roeiend Nederland in een wedstrijdsfeer – of de eenmalige chaos die de Asopos Najaars heet. Het is maar hoe je het wilt zien.
Hoe dan ook zijn de resultaten die in die brede badkuip worden weggelegd weinigzeggend over het verloop van het eerstejaarsseizoen. En dat weet iedereen stiekem ook wel. Het is vooral beuken, bikkelen, rammen, spetteren, stoempen en op de kant de grootste praatjes hebben over de mooiste stuurvrouw van de wedstrijd, die enorme lekkere haal en de start die verschrikkelijk goed – of slecht – ging in vergelijking met de concurrentie. En dan is natuurlijk die ene wonderploeg die de uitzondering is op de regel. Die roeit in plaats van ploetert. En die ploeg wint na voorwedstrijd, kwartfinale en halve finale ook de eindzege. Na Laga vorig jaar bij zowel de heren als de dames was het deze editie Asopos dat in het damesveld won en Phocas dat de sterkste bleek in het herenveld.
Dat zegt, als eerder aangehaald, nog niks. Allereerst omdat niet alle verenigingen ervoor kiezen om naar de Bosbaan af te reizen. Skøll, Vidar, Orca, Skadi en Triton hielden dit jaar bijvoorbeeld hun eerstejaars thuis. Nereus, toch een vereniging dat ieder seizoen weer een nieuw leger aan eerstejaars roeiers weet binnen te halen, stuurde slechts een kleine afvaardiging richting Amstelveen. “Het kwam gewoon niet zo goed uit,” beargumenteerde Triton-praeses Marten Bus de afwezigheid van zijn eerstejaars. Ook Skøll-voorzitter Willem Zeelen kwam met die redenering. “Het paste niet zo goed in het schema van introductie en selecties,” vond Zeelen.
In het feit dat niemand van de afwezige verenigingen een kwaad woord spreekt over de wedstrijd schuilt de crux. De Asopos Najaars zit vastgeroest in het algemene besef van het roeien. Het concept is prima: lekker op het water stoeien tegen elkaar. Maar buiten de races om doolt het evenement wat – wellicht ook treffend gezien de grote mate van nieuwelingen die hun ogen komen uitkijken op de Bosbaan. Maar het is jammer dat de Asopos Najaars geen happening is, geen spetterende opening van een eerstejaars roeiseizoen. Serieus hoeft het namelijk niet te zijn – daar zegt hard roeien in een C4+ net te weinig voor. Ter vergelijking: toen Njord, Laga, Skadi en Aegir nog onderlinge roeiwedstrijdjes organiseerden in Leiden was het roeien bijzaak – het ging om het veroveren van de diepvrieskip die aan het einde van de middag aan het plafond werd geknoopt.
En vandaar ook misschien het ietwat bevreemdende gevoel aan het einde van de dag bij de deelnemers en coaches. Want wat is er nu eigenlijk gebeurd vandaag? Was er een sprake geweest van iets wat na blijft galmen – een spreekwoordelijk gevecht geweest om een diepvrieskip? Een sfeer die het waard was om op film te worden gezet voor een dramaserie over studenten? Waarschijnlijk niet. Eerder was het een etmaal lang hangen aan de boorden van de Bosbaan. Met onderin de verfomfaaide rugzak een geplette mueslibol, nog anderhalve eierkoek en een inmiddels bruine banaan. Terug in de trein naar huis met grote en ook kleine verhalen – maar nauwelijks met gloeiende wangen omdat een van de leukste najaarsevenementen voor eerstejaars roeiers achter de rug is. Nu het aantal aanmeldingen bij de studentenroeiverenigingen toeneemt ligt daar dan ook de mogelijkheid voor Asopos de Vliet: de Najaarswedstrijden opnieuw uitvinden als een evenement dat meer is dan de wedstrijd.



