Bijna alles ligt nog open in Varese
Het stormde flink de afgelopen dagen in Varese. Niet alleen op het meer was het onstuimig, maar ook op de kant is het onrustig. Voor het merendeel van de ploegen draait het maar om één ding: selectie. De roeiers van de nationale equipe weten dat het nu of nooit is. Als ze nog een kans willen maken op de Olympische Spelen, dan moet het nu gebeuren. En dus is de sfeer in Italië gespannen. Behalve dan bij de lichte dames dubbeltwee en de lichte mannen vier-zonder. Bij die ploegen is de selectie al afgerond en dus bestaat voor hen het trainingskamp uit voorbereiden en niet uit zenuwpezen. De rest zweet peentjes. Zeker nu het weer niet meezit en races uitgesteld of in moeilijke omstandigheden gevaren moeten worden.
Oorspronkelijk was het de bedoeling dat de selecties van zowel de vrouwenacht als de Holland Acht, de vier en de twee al duidelijk waren voorafgaand aan het trainingskamp. Maar het ijs in Nederland gooide roet in het eten. Liever hadden coaches en roeiers al geweten hoe de olympische vork in de steel stak, en in Varese gewerkt aan het collectief. In plaats daarvan bestonden de afgelopen dagen uit races. De vrouwenacht vocht het in het weekend onderling uit in een pairs matrix. Daarbij werd in wisselende opstellingen bepaald welke roeisters het beste uit de verf kwamen. Maar het trekken van conclusies blijft moeilijk en uit de objectieve gegevens zal waarschijnlijk een subjectieve beslissing worden genomen. Welke roeister is het meest inpasbaar voor die laatste positie waar het waarschijnlijk om gaat? Gezien het feit dat er geen resultaten naar buiten zijn gebracht is het gissen naar de conclusie, maar dat de acht ten opzichte van vorig jaar er op weinig plekken anders uit zal zien moge duidelijk zijn. Seatraces moeten het doorhakken van de knoop mogelijk maken.
Bij de mannen ligt de situatie gecompliceerder. Hoewel er veertien plekken zijn wil iedereen bij de eerste acht zitten. De roeibond mikt namelijk nadrukkelijk op de Holand Acht. De vier-zonder en twee-zonder zijn bijnummers: er wordt niet gestreefd naar drie goede boten, maar naar één topschip. Afgelopen zaterdag stond daarom een heuse wedstrijd op het programma. In twee-zonders namen de zeventien gegadigden – Robert Lücken zit al enige tijd geblesseerd thuis en lijkt daarom af te moeten haken – het tegen elkaar op. Zes paren haalden uiteindelijk de finale van de Regatta di Lago Varese. Steenman/Blink, Kuiper/Vellenga, Klaassen/Hamburger, Sluis/Meylink, Simon/Siegelaar en Klem/Hendriks. Eerstgenoemden wonnen op maandag nipt de finale van het duo Klaassen/Hamburger. Het gat naar de andere ploegen bedroeg meer dan tien seconden.
Maar daarmee is nog niks gezegd. Het weer tijdens de finale was moeilijk: het was af en toe meer overleven dan roeien. De winnende tijd van Steenman en Blink, ver boven de zeven minuten, spreekt boekdelen. Net als het feit dat Roel Braas, die in de skiff moest varen en niet bepaald te boek staat als een slecht-weer-roeier, moeite had om een snelle tijd te noteren. De komende dagen zullen races in de vier-zonder uit moeten wijzen wie in de acht terecht komt. Hoe dan ook lijkt er nog niks definitief beslist in Italië. En is het doodzonde dat het publiek weinig tot niks meekrijgt van de ‘Races in Varese’. Want of we deze strijd der strijden nog eens te zien gaan krijgen tijdens het NK roeien is maar de vraag.


