Maandblad roeien: Nereus heerst op eigen vierkamp
Verder in Roeien
|
Twee jaar geleden verklaarde Diederik Simon in dit tijdschrift hoezeer Nereus er aan hecht om met verenigingsploegen aan de start te verschijnen op de Amstel. Het is een lofwaardig streven en de bekendste namen van de mannenploeg van dit jaar waren Ivo Snijders, Gerard van der Linden en Gijs Vermeulen. Simon zelf fietste dit keer aan de kant. De concurrentie in de eerste divisie kwam dit jaar van Skadi. De Rotterdammers, voorgeslagen door Mitchel Steenman, pakten de winst op de twee korte afstanden, maar deden dat met dusdanig krappe marges, dat de ruime voorsprong die de Nereïden op de 2500 en 5000 meter pakten ruim voldoende was voor de overall-winst. Daarnaast bood het duurvermogen van de Amsterdammers natuurlijk perspectieven op de blauwe wimpel, die volgens velen achter de Berlagebrug het beste kleurt op een bordeauxrood botenhuis. Dark Horse in het spel om de wimpel was dan ook de gelegenheidscombinatie van Orca, Skøll, Thêta en Gyas. Knorren, zo wil het verhaal, hebben nu eenmaal minder met verenigingsploegen, hoewel zelfs de laatste der Mohikanen dit seizoen het ruime sop van het Amsterdam-Rijnkanaal zullen gaan kiezen. Uit dat soort roeiers bestond deze ploeg dan ook. Smaldelen van wel vier oude vieren waren verenigd in deze ploeg en dat juist zij elkaar opzochten, betekent misschien wel dat de verbroedering van de Varsity haar blik vooruitwerpt op de Amstel.
De man om de klik bij een dergelijke instapacht mogelijk te maken heet natuurlijk Mark Emke. Met een beperkt aantal trainingskilometers werkt hij een ploeg naar het eremetaal. En zie: hoewel de voorsprong secondenwerk was, gaf hij Nereus het nakijken en werden Matthijs Vellenga, Geert Cirkel, Tjerk Gualthérie van Weezel, Sybolt Okke de Vries, Dirk Lippits, Roy van Kessel, Rogier Blink en Gerard Egelmeers kampioen van de Amstel. Maar de verrassing kwam van Skadi, want ook zij nestelden zich vlak voor Nereus als tweede in het klassement. Coach Camiel Notermans vindt de bijzondere sprong van zijn ploeg niet bijzonder: Voorafgaand aan de langebaanwedstrijden hebben we door wind en ijs maar weinig kunnen trainen, tijdens de Heineken waren we dus nog niet in vorm. Voor 250 en 750 meter hoef je niet bijzonder goed te roeien, dus dat liep wel goed. In de week voor de Head hebben we de basis flink kunnen vergroten en dat betaalde zich uit. Bovendien keerde Selwyn Moons in de ploeg terug na een voetblessure; dat heeft zeker meegeholpen. De resultaten van de acht met aan boord de Rotterdamse Oude Vier, geven bovendien goede vooruitzichten voor de Varsity. Nereus zie ik als goede kanshebber, maar we accepteren niemand als favoriet, aldus Notermans. Leveren bij de mannen de prestaties tijdens de Amstelwedstrijden veel voer tot speculatie over een wedstrijd die een paar weken later verroeid wordt, bij de dames is een buitenlandse wedstrijd van een paar weken eerder juist een aardige opmaat. Tijdens de Womens Head troffen de damesachten van Skøll en Nereus elkaar voor het eerst dit seizoen. Nereus versloeg zijn concurrent met maar liefst zeventien seconden, waarmee de toon gezet leek voor de twee daaropvolgende weekenden aan de Amstel.
Tijdens de Heineken verscheen Nereus echter met een acht aan de start die deels gevuld werd met tweede garnituur. Nereus won trouwens gemakkelijk, in afwezigheid van andere ploegen in de eerste divisie. Een aantal roeisters gunden zich, net als de complete acht van Skøll een weekend rust tijdens de Vierkamp, zodat het pas op de Head tijd was voor het beslissende treffen. Afgaande op de bezetting van zijnr eerste acht, kan Skøll met veel vertrouwen de toekomst van het damesroeien tegemoet zien. Met Hurnet Dekkers, Nienke Hommes, Marlies Smulders en Annemiek de Haan had het flink wat internationale ervaring aan boord. Uit de eigen opleiding werden plaatsen ingenomen door Floor van der Linden en Klaske Galama en met de come-back kids Ellen Maas en Merel Steinweg, heeft het ook nog eens twee van de meest veelbelovende jeugd- roeisters aan zich weten te binden.
Niet dat de acht van Nereus met Marit van Eupen, Femke Dekker, Sarah Siegelaar en Laura Posthuma gebrek aan internationale ervaring ontzegd kan worden. Ook zijn de namen van Anne van Drumpt, Mette Beugelsdijk en Sophie Dirksmeier al sinds het juniorenroeien bekend en hoewel ze eigenlijk van Phocas komt, leren ze Annemarieke van Rumpt op Nereus al een paar jaar roeien.
En dus zou ook op grond van de inschrijving ook wel gesteld kunnen worden dat beide ploegen elkaar weinig, maar de overige deelnemers veel, zouden ontlopen. Dat was dan ook precies het scenario dat zich voltrok. Beide ploegen stoomden op het oog even snel op naar Amsterdam en alleen de coaches die start- en finish- verschil zelf geklokt hadden, konden met redelijke zekerheid beweren wat later bleek; Skøll won de strijd met minder dan twee seconden.
Ja, daar baal ik behoorlijk van, verklaart Coen Eggenkamp, hoofdcoach van Nereus. Ik had een spannende race verwacht, maar na het resultaat in Engeland wel gehoopt op de overwinning. Ik vind onze ploeg technisch beter dan Skøll; in Engeland hadden we het weer om daar profijt van te hebben. Hier op de Amstel konden zij met hun kracht meer brengen. Toch heeft zijn eigen ploeg ook wel steken laten vallen, erkent Eggenkamp: Ons raceplan was duidelijk gericht op een versnelling in het tweede deel van de race. Dat is wel gebeurd, maar in het eerste deel hebben de dames teveel laten liggen. Ik had verwacht dat ze zo gebrand waren om te winnen dat ze in het eerste deel vanzelf wel hard van start zouden gaan. Niet dus, helaas.
Verloor Nereus trouwens wel van een Skøll-acht, of won er eigenlijk een combinatieploeg? Skøll reageert bij monde van damescoach Linda Langheld dat beiden volwaardig lid zijn. Ze trainen en eten mee met de damesgroep en zullen dit seizoen in ploegverband gewoon uitkomen voor Skøll. Merel is trouwens al een paar jaar lid. In de skiff komen ze mogelijk nog uit voor RIC en Willem III. Vanwege het grote aantal toproeisters zitten we krap in de goede skiffs. Bovendien roeide Nereus met Van Rumpt, en die stond eerst ook nog gewoon voor Phocas in de
inschrijvingen.
Hele en halve leden, kleine marges, meer kracht of juist een betere techniek; de strijd om de beste verenigingsploegen wordt uiteindelijk pas in het seizoen beslecht. Bij de mannen wordt dat volgens velen al twee weken na de Head gedaan. Bij de dames zal waarschijnlijk pas later beslist worden wie dit seizoen de Gambonnière: de wisselprijs voor het beste damesroeien, zal opeisen. De messen zijn in elk geval geslepen.
|
In de kantlijn Het lichte roeien leek wel afgeschaft dit jaar. Helaas was het enkel een gebrek aan inschrijvingen waardoor de velden niet verroeid werden. Alleen in de lagere divisies namen de roeiers de moeite op gewicht te komen. In de regionen van het oude-mannen en vrouwenroeien zijn de kaarten al jarenlang geschud zo lijkt het wel. We hoeven er dan ook niet te zoeken naar de mix van jong talent en internationale ervaring. Louter dat laatste voldoet en dan nog wel wat regelmatig trainen, zo blijkt. De mannen van RIC zijn de baas van de Amstel. Breeduit lachend slaat Mark Emke zijn roeibroeders voor, in sneltreinvaart de Amstel over. Het lijkt allemaal zo simpel; alle afstanden op de Heineken en met elf seconden op de Head wordt Willem-III een week later wéér tweede. En dat terwijl die ploeg toch écht veteranen-A is en dat scheelt gemiddeld zon jaar of dertien. De dames van Willem-III dan, die zijn ook veteranen-A. Bij de dames lijkt het echter, als je de uitslag mag geloven, wel weer meer een kwestie van leeftijd te worden. Een enkele oudere-damesploeg schaart zich tussen hen die de eerste opvlieger nog moeten krijgen, maar bovenaan staan gewoon de jongste dames. Wel ouder dan 27 lentes, maar onder die gelijken is Willem-III weer de snelste. Hoewel het altijd afhankelijk blijft van de diverse zwangerschappen van de dames, lijken ze daar bij Willem-III een aardig roulatieschema op gevonden te hebben. |
'Roeien' bestaat sinds 1939 en is een onafhankelijk orgaan van de KNRB met een eigen redactie. De redactie bestaat momenteel uit zes leden en wordt tevens gesteund door een groot aantal vaste medewerkers. Het blad komt maandelijks uit, behalve in de maanden februari en maart, wanneer er een gecombineerd nummer in de bus valt. De januarieditie staat beter bekend als de evenementennummer. Hierin alle informatie over de KNRB en haar aangesloten verenigingen met alle belangrijke adressen. De jaarprogramma's voor de nationale selecties staan hier vermeld en ook informatie over alle evenementen (wedstrijden, tochten, cursussen) van het jaar. De andere edities zijn allen journalistieke uitgaven over de roeisport.
Het maandelijkse magazine geeft aan alle facetten van de roeisport aandacht. Zowel het toproeien krijgt aandacht, maar ook wordt er gelet op het studentenroeien, veteranenroeien, toertochten, zeeroeien en het verenigingsleven. Daarnaast ook veelvuldig aandacht voor verhalen over medische zaken, techniek en materiaal. Een mix van interviews, sfeerverhalen en achtergronden uit de roeierij. Kortom voor elke roeier in Nederland interessant en onmisbaar! Voor meer informatie: mail naar redactie@knrb.nl. Abonnementsinformatie is te verkrijgen bij info@knrb.nl



