Archeologen vinden 'houten smoothie'
Een unieke ontdekking binnen de Nederlandse archeologie: in Naaldijk is namelijk een veertienhonderd jaar oude roeiriem opgegraven. Tijdens onderzoek in een waterput kwam een blad boven water dat stamt uit de Merovingische periode – de zesde eeuw na Christus. Omdat er over de scheepsbouw en vaartechniek van die tijd bijzonder weinig bekend is mag met recht gesproken worden van een spectaculaire vondst. “Het is eigenlijk gewoon een houten smoothie,” vertelt scheepsarcheoloog Wouter Waldus enthousiast.
Waldus, zelf ooit roeier bij Asopos de Vliet in Leiden, wist volgens eigen zeggen al snel dat hij met een roeiriem te maken had. “Ik herkende het direct. Ik kan me ook niet voorstellen dat het iets anders is. Er zit ook een breuk bij de schacht, dus het lijkt erop dat de riem kapot is gegaan en daarna is hergebruikt voor de constructie van de waterput. In de zesde eeuw na Christus gooiden ze niks weg: alles werd hergebruikt.”
Volgens Waldus is de vondst extreem bijzonder. “Internationaal gezien zijn er maar weinig zaken vergelijkbaar. Op de grens tussen Denemarken en Duitsland hebben ze ooit wel eens een schip gevonden in een veenmoeras, met roeiriemen, maar die waren erg primitief. Echt palen met een afvlakking eraan. Die kwamen uit de vierde eeuw na Christus. Deze riem was veel gedetailleerder: je ziet aan de kromming van het blad dat de maker echt in de gaten heeft gehad hoe hij meer druk op het water kon uitoefenen. Je zou kunnen zeggen dat de Nederlanders toen al geobsedeerd waren met roeitechniek.”
Los van technisch inzicht, vallen er volgens Waldus ook nog andere conclusies te trekken uit de ‘houten smoothie’. “Als je kijkt naar de grootte van het blad kan je eigenlijk alleen maar concluderen dat het een scullriem is. En het zegt ook wat over het vaartuig; er moet een dolconstructie zijn geweest, de boot moet een bepaalde lengte hebben gehad, een bepaalde breedte, hij moet licht genoeg zijn geweest om met deze riem voortbewogen te worden. We weten daar tot nog toe niks over: het enige wat we hebben gevonden zijn wat losse planken. Dit geeft wat aanwijzingen.”
Waldus is van plan om de riem binnenkort op een congres in Amsterdam aan mede-archeologen te laten zien. Hij verwacht dat de zaal vanwege het unieke karakter van de riem uit zijn dak zal gaan. Maar tegelijkertijd is de oud-roeier van Asopos de Vliet ook van zins om de Nederlandse roeiwereld het verhaal over de riem te vertellen. Met een kleinschalige tentoonstelling bij de Willem Alexanderbaan misschien, of op een roeivereniging in Rotterdam, zo filosofeert Waldus hardop. “Alles staat of valt bij het enthousiasme van het publiek, maar als men de oorsprong van het roeien in Nederland van dichterbij wil bekijken, dan denk ik dat we dat moeten regelen. Meestal verdwijnen dit soort dingen in een depot, maar er moet iets te regelen zijn.”



